Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes
Einde inhoudsopgave
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/11.10.1:11.10.1 Achtergrond
Kiesrecht, verkiezingen en verkiezingscampagnes (SteR nr. 63) 2024/11.10.1
11.10.1 Achtergrond
Documentgegevens:
mr. L.S.A. Trapman, datum 19-02-2024
- Datum
19-02-2024
- Auteur
mr. L.S.A. Trapman
- JCDI
JCDI:ADS947807:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Staatscommissie-Remkes 2018, p. 233-235.
Zie over de aanbevelingen van de staatscommissie op dit gebied: Trapman 2020b. Op de achtergrond van de Wpp werd in par. 5.5 al nader ingegaan.
Staatscommissie-Remkes 2018, p. 239.
Zo moet de Autoriteit Wpp ook toezicht gaan houden op de financiering van politieke partijen. Zie daarover par. 13.11.
Art. 70 conceptvoorstel. Het betreft de advertenties die zijn verspreid tussen de veertigste dag voor de kandidaatstelling en de dag van de stemmingen.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In haar eindrapport wees de Staatscommissie-Remkes, belast met het uitbrengen van een advies omtrent de noodzaak van veranderingen in het parlementaire stelsel, op de gevaren van microtargeting. Zij constateerde dat microtargeting ervoor zorgt dat de verkiezingscampagne zich aan de openbaarheid onttrekt, de deur naar ongeoorloofde kiezersbeïnvloeding opent, het maatschappelijk vertrouwen in de verkiezingen schaadt en de kansengelijkheid tussen partijen in gevaar brengt.1 De commissie adviseerde vervolgens een tweetal maatregelen, die terecht zouden moeten komen in een nieuw op te stellen Wet op de politieke partijen (Wpp), waarvan de commissie overigens ook om andere redenen voorstander was.2 Allereerst zou voorzien moeten worden in een transparantieplicht, die inhoudt dat politieke partijen verantwoording moeten afleggen over het voor microtargeting gebruikte gegevensbestand, de gehanteerde zoekcriteria en het voor de gegevens betaalde bedrag.3 Ten tweede zou het percentage internetgebruikers dat met een verkiezingsboodschap gericht benaderd mag worden, bij wet moeten worden gemaximeerd. Het overige publiek moet dan willekeurig geselecteerd worden.
Het kabinet gaf daarop aan dat zij inderdaad voornemens was om regels omtrent digitale verkiezingscampagnes op te nemen in de Wpp, maar ging daarbij nog niet inhoudelijk in op de door de staatscommissie voorgestelde maatregelen. 4Pas toen op 22 december 2022 het conceptvoorstel voor de Wpp in internetconsultatie ging, werd duidelijk welke maatregelen de regering wilde invoeren. Het wegnemen van de bezwaren tegen microtargeting moet langs drie sporen gaan verlopen. Ten eerste: artikel 59 van het conceptvoorstel verplicht partijen tot openbaarmaking van hun advertenties door een kopie van iedere advertentie te deponeren in een nieuw op te richten advertentieregister. De verplichting moet niet alleen voor online advertenties gelden, maar ook voor advertenties die via andere media (krant, radio, televisie, enzovoorts) worden verspreid. De inrichting en het beheer van dit register wordt een taak voor de nieuw op te richten Autoriteit Wet op de politieke partijen, die op deze en andere onderdelen van de Wpp toezicht moet gaan houden. 5Ten tweede moeten partijen daarbij een transparantieverklaring overleggen met daarin, kort gezegd, de aanduiding van de partij en het bedrag dat voor de advertentie is betaald. Als partijen microtargeting hebben toegepast, dan geven zij ook aan welke groepen zij benaderd hebben (en op basis van welke kenmerken dat is gebeurd), welke categorieën persoonsgegevens zij daarvoor gebruikt hebben, uit welke bron de gegevens afkomstig zijn en met welke doeleinden de targeting is toegepast, dit laatste ‘met inbegrip van de kenmerken op grond waarvan personen in de doelgroep zijn opgenomen, en de redenen voor de keuze van deze kenmerken’. De gegevens worden tot vier jaar na de laatste publicatie of verspreiding van de advertentie bewaard. In verkiezingstijd geldt bovendien een aangescherpt regime: ook nog niet in de Kamer vertegenwoordigde partijen moeten dan hun advertenties en bijbehorende transparantieverklaringen deponeren in het register. 6Ten derde moet gewezen worden op artikel 60 van het conceptvoorstel, dat politieke partijen verplicht om de toezichthouder jaarlijks een overzicht van de uitgaven aan politieke advertenties in het voorafgaande kalenderjaar te sturen. Deze drie maatregelen worden hierna elk afzonderlijk besproken.