Einde inhoudsopgave
De collateral richtlijn (R&P nr. FR12) 2015/2.3.4.2.2
2.3.4.2.2 OTC-derivaten
Dr. J. Diamant, datum 27-10-2014
- Datum
27-10-2014
- Auteur
Dr. J. Diamant
- JCDI
JCDI:ADS371509:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Voetnoten
Voetnoten
OTC-derivaten zijn derivaten die niet via een beurs worden aangegaan. Zie daarover voetnoot 8 (hoofdstuk 1).
Zie Wood 2007b, nr. 12.003.
Volgens het meest recente Margin Survey van de ISDA (zie over deze surveys nader voetnoot 9 (hoofdstuk 1)) wordt in 87% van de gevallen dat zekerheid wordt gesteld bij OTC-derivaten gebruik gemaakt van ISDA zekerheidsdocumentatie (ISDA, ‘ISDA Margin Survey 2014’, april 2014, p. 3). Zie over de ISDA documentatie onder meer Rank 2009 en Wood 2007b, nr. 12.001 e.v.
Uit het ISDA Margin Survey 2014 blijkt dat in 2013 de door New Yorks recht beheerste CSA het meeste wordt gebruikt (47,6%), gevolgd door de Engelse CSA (28,3%). In 2,4% van de gevallen wordt gebruikt gemaakt van de ISDA Credit Support Deed, ISDA Margin Provisions of ISDA Credit Support Annex (Japanese law). In 11,9% van de gevallen wordt andere zekerheidsdocumentatie gebruikt en in 9,8% van de gevallen wordt geen zekerheid gesteld. Zie voor deze cijfers ISDA, ‘ISDAMargin Survey 2014’, april 2014, p. 9.
ISDA, ‘ISDA Margin Survey 2001’, p. 10 en ISDA, ‘ISDA Margin Survey 2014’, april 2014, p. 9.
ISDA, ‘ISDA Margin Survey 2014’, april 2014, p. 9.
ISDA, ‘ISDA Margin Survey 2014’, april 2014, p. 7.
Verordening nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters, PbEU 2012, L 201/1. Zie over de achtergrond van de totstandkoming van EMIR: Silverentand e.a. 2013, p. 381 e.v.
Zie over de verplichtingen van financiële partijen en niet-financiële partijen onder EMIR uitgebreid De Graaf & Stegeman 2011, p. 63 e.v. en Demper 2014. Zie over de rol van centrale tegenpartijen in het algemeen IMF, ‘Global Financial Stability Report. Meeting new challanges to stability and building a safer system’, april 2010, hoofdstuk 3.
Omdat niet alle aan de clearingverplichting onderworpen marktdeelnemers in staat zijn clearinglid van een CCP te worden omdat aan clearingleden allerlei eisen gesteld worden, hebben zij de mogelijkheid om als cliënt van een clearinglid toegang te krijgen tot de CCP.
Voor een uitgebreidere beschrijving van derivatenclearing en EMIR wordt verwezen naar Zebregs 2013.
OTC-derivaten1 worden vaak aangegaan op basis van het ISDA Master Agreement.2 Het ISDA Master Agreement is een raamovereenkomst, dat wil zeggen dat onder de in het ISDA Master Agreement opgenomen voorwaarden meerdere derivatentransacties kunnen worden aangegaan. Op basis van margin maintenance-bepalingen wordt regelmatig, vaak dagelijks, vastgesteld wat de rechten en verplichtingen zijn van de partijen bij een ISDA Master Agreement uit hoofde van de daaronder aangegane derivatentransactie(s). Voor het bedrag dat na het wegstrepen van de winsten en verliezen van de partijen voortvloeiend uit de (verschillende) derivatentransactie(s) resteert, kunnen partijen overeenkomen dat zekerheid moet worden gesteld.
De zekerheidsverschaffing vindt in de praktijk veelal plaats op basis van een ISDA Credit Support Document.3 De meest gebruikte zekerheidsdocumentatie is de 1995 ISDA Credit Support Annex (New York law), die voorziet in de vestiging van een beperkt zekerheidsrecht op girale activa en wordt beheerst door het recht van de staat New York en de 1995 ISDA Credit Support Annex (English law), die voorziet in de overdracht tot zekerheid daarvan en wordt beheerst door Engels recht. Van beide Credit Support Annexes zijn in 2013 nieuwe versies verschenen. Alternatieven voor de Credit Support Annexes zijn de 1994 Credit Support Deed (English law) en de 2001 ISDA Margin Provisions.4
Uit de Margin Surveys die sinds 1999 door de ISDAworden uitgevoerd, blijkt dat het aantal OTC-derivaten waarbij zekerheid gesteld wordt, in de periode 2001- 2013 enorm is gegroeid. Het aantal zekerheidsarrangementen bij OTC-derivaten is toegenomen van ongeveer 16.000 in 2001 tot 133.155 eind 2013.5 In 87% gaat het om ISDA zekerheidsarrangementen.6 Uit de ISDA Margin Survey blijkt voorts dat de goederen die in zekerheid worden gegeven voor verplichtingen uit derivatenovereenkomsten voor bijna 90% bestaat uit geld en staatsobligaties.7
Wat betreft zekerheid in het kader van OTC-derivaten dient ten slotte gewezen te worden op de European Market Infrastructure Regulation, kortweg EMIR.8
Deze verordening is in werking getreden op 16 augustus 2012. Op grond van deze verordening dienen OTC-derivatencontracten aangegaan door ‘financiële tegenpartijen’, zoals beleggingsondernemingen, banken en verzekeraars, te worden ‘gecleard’ via een centrale tegenpartij (central counterparty, hierna ook: ‘CCP’).9 Dit houdt in dat de centrale tegenpartij door schuldvernieuwing in de rechten en verplichtingen van de partijen treedt, waardoor de oorspronkelijke overeenkomst tussen de twee partijen bij een derivatenovereenkomst wordt vervangen door een overeenkomst tussen de ene partij en de CCP en de wederpartij en de CCP. De CCP treedt bij OTC-derivaten anders gezegd op als de exclusieve tegenpartij van de partijen bij de overeenkomst, zodat zij onderling geen insolventierisico meer lopen op elkaar. Gebruikers van centraal te clearen OTC-derivaten moeten (via hun clearinglid)10 ter verzekering van de daaruit voortvloeiende verplichtingen onderpand aanhouden bij de betreffende CCP. Wanneer OTC-derivatencontracten niet gecleard hoeven te worden via een centrale tegenpartij, hebben partijen bij het derivaat onder meer de verplichting tot dagelijkse waardering van de uitstaande rechten en verplichtingen tegen de marktwaarde (marking to market; art. 11 lid 2 EMIR) en de verplichting tot ‘tijdige, nauwkeurige en passend gescheiden uitwisseling van zekerheden’ (art. 11 lid 3 EMIR).11 Op grond van EMIR kan een partij bij een OTC-derivaat dus een verplichting hebben om zekerheid te stellen.