Einde inhoudsopgave
De civielrechtelijke inbedding van het besluitenaansprakelijkheidsrecht (O&R nr. 128) 2021/8.4
8.4 Bezwarende besluiten jegens de geadresseerde
mr. P.A. Fruytier, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. P.A. Fruytier
- JCDI
JCDI:ADS284629:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Voetnoten
Voetnoten
Zie daarover uitvoerig §5.3.3.
Zie in dit verband ten aanzien van art. 6:98 BW bijv. HR 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1278, AB 2019/519, m.nt. C.N.J. Kortmann (Groninger Gaswinning) waarin de Hoge Raad oordeelt dat de rechter zowel een risicoaansprakelijkheid- als schuldaansprakelijkheidsgrondslag zal moeten onderzoeken, omdat de redelijke toerekeningsvraag per grondslag verschillend kan uitvallen. Zie met betrekking tot de relativiteit bijv. ook ABRvS 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:732, AB 2016/249, m.nt. T.E.P.A. Lam (Van Neerbos) waarin de ABRvS met betrekking tot alle door de appellanten aangevoerde vernietigingsgronden beoordeelt of voldaan is aan de bestuursrechtelijke relativiteitseis van art. 8:69a Awb.
649. In deze paragraaf onderzoek ik hoe de driestapstoets moet worden toegepast op bezwarende besluiten jegens de geadresseerde. Daartoe is allereerst relevant welke normschending bij dit type besluit centraal staat. In §5.3.2 is dat onderzocht. We zagen dat zich binnen deze categorie meerdere onrechtmatigheidsgronden voordoen. Ten eerste vormt het bezwarend besluit in een beperkt aantal gevallen een rechtsinbreuk. Dat is bijvoorbeeld het geval bij ongeldig genomen (niet ex art. 6:162 lid 2 BW gerechtvaardigde)1 onteigeningsbesluiten, bouwverboden, vervoersverboden van dieren, besluiten tot het ruimen van dieren etc. Ten tweede zijn bezwarende besluiten onrechtmatig als zij strijden met een geschreven of ongeschreven (materieel of formeel) publiekrechtelijk beginsel of met een wettelijke norm.
650. De categorieën sluiten elkaar niet uit. Het nemen van een besluit kan op meerdere gronden onrechtmatig zijn. Zo kan het overheidslichaam bij het nemen van een rechtsinbreuk makend besluit tevens het legaliteitsbeginsel schenden of in strijd handelen met een publiekrechtelijke regel. Het besluit is dan op twee of meer gronden onrechtmatig. De driestapstoets moet dan voor iedere normschending worden uitgevoerd.2
8.4.1 Rechtsinbreukmakende besluiten8.4.2 Bezwarende besluiten in strijd met een geschreven of ongeschreven publiekrechtelijke norm