Vastgoedtransacties in de Europese btw
Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/5.5.3.1:5.5.3.1 Uniebegrip
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/5.5.3.1
5.5.3.1 Uniebegrip
Documentgegevens:
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291128:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EU 16 november 2017, zaak C-308/16, BNB 2018/26, m.nt. Van Zadelhoff (Kozuba).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het Hof van Justitie heeft het begrip ‘eerste ingebruikneming’ in art. 12 leden 1 en 2 Btw-richtlijn aangemerkt als een uniebegrip, omdat dit begrip niet is gedefinieerd maar voor de inhoud van dit begrip evenmin naar het nationale recht van de lidstaten wordt verwezen.1 Lidstaten mogen op grond van art. 12 lid 2, derde alinea Btw-richtlijn andere criteria dan de eerste ingebruikneming hanteren voor het onderscheid tussen nieuwe en oude gebouwen, maar die vrijheid betekent niet dat een lidstaat ook mag tornen aan de inhoud van het uniebegrip ‘eerste ingebruikneming’. Het begrip ‘eerste ingebruikneming’ moet derhalve in alle lidstaten hetzelfde worden uitgelegd. Op grond van de interneutraliteit is dat ook wenselijk. Dit neemt niet weg dat de uitleg van het begrip ‘eerste ingebruikneming’ slechts relevant is voor de lidstaten, zoals Nederland, die dit moment of de termijn van maximaal twee jaar na dit moment beslissend achten voor het onderscheid tussen nieuwe en oude gebouwen. Naar mijn mening ligt het in de rede dat ook het begrip ‘voltooiing van het gebouw’ in art. 12 lid 2, derde alinea Btw-richtlijn een uniebegrip is. Als art. 12 lid 2, derde alinea Btw-richtlijn lidstaten slechts de vrijheid geeft om in plaats van het criterium eerste ingebruikneming te kiezen voor het criterium ‘voltooiing van het gebouw’ ter onderscheiding van nieuwe en oude gebouwen, dan mag een lidstaat ook niet tornen aan de inhoud van het begrip ‘voltooiing van het gebouw’. Of het Hof van Justitie die opvatting onderschrijft, zal de toekomst moeten uitwijzen. Het Hof van Justitie heeft zich tot op heden alleen uitgelaten over het uniebegrip ‘eerste ingebruikneming’. Op de uitleg van dit uniebegrip wordt in de volgende paragraaf ingegaan.