Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context
Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.4.5:4.4.5 Samenvatting voorlichting en beleidsregels vergeleken
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/4.4.5
4.4.5 Samenvatting voorlichting en beleidsregels vergeleken
Documentgegevens:
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661544:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Kamerstukken II 1993/1994, 23700, nr. 3, p. 108.
Vgl. Kamerstukken II 1993/1994, 23700, nr. 3, p. 108.
HR 12 april 1978, nr. 18464, BNB 1978/136.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit het bovenstaande volgt dat de Hoge Raad aan beleidsregels en aan algemene voorlichting en inlichtingen te ontlenen vertrouwen volstrekt anders beoordeelt. Het type uiting is daarbij relevant.
Grondslag
Beleidsregels zijn gebaseerd op de bevoegdheid van de Belastingdienst om nadere regels te geven bij de uitvoering van de wet met het oog op rechtseenheid, rechtsgelijkheid en rechtszekerheid. Voorlichting vloeit voort uit de voorlichtende taak van de Belastingdienst. In het eerste geval betreft het de taak om nadere regels te formuleren, in het tweede geval bevat het de taak om burgers over het belastingrecht te informeren (etc., paragraaf 2.3).
Oogmerk
Beleidsregels en voorlichting hebben gemeen dat zij in de regel een ‘uitleg’ bevatten van de wet: in het geval van (interpretatief) beleid betreft dat een standpunt over de interpretatie en uitleg die de Belastingdienst toepast, in het geval van voorlichting betreft het informatie over de geldende regels. Een verschil is dat (interpretatief) beleid wordt uitgevaardigd om algemene regels te geven voor de wijze waarop bijvoorbeeld min of meer vage normen worden geïnterpreteerd1, terwijl voorlichting juist geen (eigen) regels beoogt te geven (paragraaf 4.6.2).
Doel en doelgroep
Beleidsregels schrijven gedragslijnen voor aan de Belastingdienst (inspecteur) voor het bevorderen van de eenheid van uitvoering, voorlichting geeft informatie aan het publiek voor het kennen en (kunnen) nakomen van hun rechten en plichten (met effect op het gedrag van degene die op de voorlichting afgaat).
Karakter
Voorlichting en beleid hebben hun algemene karakter gemeen. Anders dan bijvoorbeeld toezeggingen, wordt niet voor één concreet geval maar voor een reeks gevallen aangegeven hoe de Belastingdienst zijn bevoegdheid uitoefent respectievelijk het recht interpreteert.2 Een beleidsregel heeft, net als voorlichting, in beginsel betrekking op een open, in abstracto omschreven groep van belastingplichtigen (niet op een individu).3
Uitgangspunt in de hoofdregel
Bij beleidsregels is de hoofdregel ja, mits en bij voorlichting nee, tenzij. Belangrijkste reden voor binding aan beleid is de praktische noodzaak van beleidsregels en de bijbehorende mate van gewenste rechtsbescherming (paragraaf 4.4.2).
Objectivering en rechtskennis
Bij beleidsregels is geen vereiste dat door het beleid daadwerkelijk vertrouwen is gewekt bij een burger. Als de rechter geobjectiveerd beslist dat de beleidsregel vertrouwen mocht wekken (‘enig vertrouwen werkelijk wettigde’4) is dat voldoende. Vertrouwen kan dus ook ‘achteraf’ ontstaan. Bij voorlichting is de Hoge Raad aanmerkelijk strenger: er moet daadwerkelijk sprake geweest zijn van gewekt vertrouwen: zie het dispositievereiste als ‘realiteitstoets’. Bovendien acht de Hoge Raad bij beleid niet relevant of de burger de wet kent, en of hij al dan niet weet (of zou moeten weten) dat daarin iets anders staat dan in het beleid. Bij voorlichting is dit wel relevant (paragraaf 4.3.4), wat enige wetskennis veronderstelt.
Een en ander leidt tot het volgende overzicht:
Uiting
Functie
Factoren bij kwalificatie
Hoofdregel: Voorrang vertrouwensbeginsel?
Ratio
Doelgroep
Karakter
Criteria vertrouwensbeginsel
Algemene voorlichting
Informeren, uitleg geven, hulpmiddel
Aard, karakter, bindingsbedoeling, functie, kanaal, uiting in het kader van voorlichtende taak
Nee, tenzij
Belang van onbelemmerde en zo ruim mogelijke uitvoering voorlichtende taak
Algemeen
Abstract
1. Dispositievereiste
2. Niet-kenbaarheidsvereiste
Inlichtingen
Idem
Idem
Idem
Idem
Individueel
Idem
Idem
Beleidsregels
Rechtseenheid, rechtszekerheid, rechtsgelijkheid
Bindingsbedoeling, inhoud
Ja, mits
Uitvoeringspraktijk en rechtszekerheid
Algemeen
Abstract
1. In redelijkheid op beroepen
2. Gepubliceerd
Tabel 11: Samenvatting toepassing vertrouwensbeginsel bij voorlichting en beleidsregels vergeleken