Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden
Einde inhoudsopgave
Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden (R&P nr. 173) 2009/10.3.2:10.3.2 Afgebroken onderhandelingen als niet-contractuele verbintenis
Afgebroken onderhandelingen en gebruik voorbehouden (R&P nr. 173) 2009/10.3.2
10.3.2 Afgebroken onderhandelingen als niet-contractuele verbintenis
Documentgegevens:
mr. M.R. Ruygvoorn, datum 09-06-2009
- Datum
09-06-2009
- Auteur
mr. M.R. Ruygvoorn
- JCDI
JCDI:ADS304213:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Verbintenissenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Verordening (EG) nr. 864/2007 van het Europees Parlement van 11 juli 2007, PbEG 2007, L 199/40.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Erkent men aansprakelijkheid voor het afbreken van onderhandelingen in de pre-contractuele fase en kwalificeert men deze aansprakelijkheid als een contractuele, dan ontstaat dezelfde situatie zoals die hiervoor is behandeld met betrekking tot de rompovereenkomst. Dan moet men echter ook bereid zijn om voor wat betreft het toepasselijke recht een "Griff in die Zukunft" te doen en ter zake van het toepasselijke recht aan te sluiten bij het recht dat volgens de internationaal privaatrechtelijke regels van het aangezochte gerecht of op grond van een mogelijke, als onderdeel van het reeds overeengekomene, rechtskeuze van toepassing zou zijn op de overeenkomst indien deze tot stand zou komen.
Aansprakelijkheid voor afgebroken onderhandelingen in de precontractuele fase zal echter in veel gevallen als een delictuele aansprakelijkheid worden gezien. In ieder geval wordt dit algemeen aangenomen voor het Nederlandse recht. Het op die delictuele aansprakelijkheid toepasselijke recht zal, althans naar Nederlands internationaal privaatrecht, moeten worden vastgesteld aan de hand van de Verordeningen betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen (die de conflictregels van de Wet Conflictenrecht Onrechtmatige daad vervangt voor wat betreft het in deze verordening omschreven werkingsgebied en hierna aangeduid als "Rome II").1