De reikwijdte van medezeggenschap
Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/5.8.7.4:5.8.7.4 Oprichten van dochter-SE en omzetting van een SE in een nationale vennootschap
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/5.8.7.4
5.8.7.4 Oprichten van dochter-SE en omzetting van een SE in een nationale vennootschap
Documentgegevens:
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS388517:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
R.H. van het Kaar, ‘De Europese vennootschap en de medezeggenschap’ SR 2003-6, p. 186.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer de SE een dochter-SE opricht, hoeft niet te worden onderhandeld over de medezeggenschap. De dochter-SE valt wel onder nationale wetgeving op het gebied van informatie- en raadpleging. Zo zal een dochter-SE met meer dan 50 werknemers verplicht zijn een or in te stellen. Dochter-SE's worden vaak gebruikt als plank-SE's. Voor de problematiek daaromtrent verwijs ik naar de volgende paragraaf.
Van het Kaar constateert dat de Richtlijn weinig waarborgen biedt ter bescherming van de werknemers wanneer de SE zich omzet in een nationale vennootschap. Bijvoorbeeld: een structuur-NV zet zich om in een SE en verandert vervolgens weer naar een NV. Dit kan na twee jaar. De NV valt dan weliswaar – indien zij aan de vereisten voldoet – onder de structuurregeling, maar dan begint de wachttijd van drie jaar opnieuw. Zet de SE zich om in een nationale vennootschap onder het recht van een andere lidstaat, dan kan de medezeggenschap zelfs geheel verdwijnen.1