Forumkeuze in het Nederlandse internationaal privaatrecht
Einde inhoudsopgave
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/13.8.3.1:13.8.3.1 Inleiding
Forumkeuze in het Nederlandse IPR (R&P nr. 159) 2008/13.8.3.1
13.8.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. P.H.L.M. Kuypers, datum 29-02-2008
- Datum
29-02-2008
- Auteur
mr. P.H.L.M. Kuypers
- JCDI
JCDI:ADS413212:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Mezger, Les Grandes Lignes, p. 211.
Vgl. Conclusie AG Lenz voor HvJ EG 29 juni 1994, zaak C-288/92, Custom/Stawa, Jur. 1994, p. 1-2913, NJ 1995, 221; Hof 's-Hertogenbosch 11 januari 2000, rolnr. C 99/395, IJN AA 9598.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Partijen moeten de overeenkomst sluiten in de 'internationale handel'. Deze voorwaarde is overgenomen van art. 1 sub 1 (a) Verdrag van Genève betreffende internationale handelsarbitrage van 21 april 1961.1 Het laatste verdrag kent geen definitie van internationale handel en biedt daardoor geen houvast. Dit onderdeel bevat twee subonderdelen. Allereerst 'internationaal' en ten tweede `handel'. Het toepassingsbereik van het vormvoorschrift art. 23 lid 1 sub c EEX-V°/17 lid 1 sub c Verdrag is derhalve noodzakelijkerwijs kleiner dan van de EEX-V°Nerdrag, die volgens de heersende leer slechts de voorwaarde stelt dat de aangelegenheid internationaal is. Het toepassingsbereik is ook kleiner dan voor de andere vormvoorschriften van art. 23 EEX-V°/17 Verdrag, omdat deze vormvoorschriften ook buiten de (internationale) handel van toepassing zijn. Ik noem bijv. consumenten- en arbeidsovereenkomsten. De (nationale) rechter zal normaliter deze voorwaarden verifiëren voordat hij tot een verdere beoordeling van de vorm van de forumkeuze overgaat.2