Einde inhoudsopgave
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/6.5.3
6.5.3 Uitgifte van aandelen door een bmvk
mr. R.A.F. Timmermans, datum 01-10-2017
- Datum
01-10-2017
- Auteur
mr. R.A.F. Timmermans
- JCDI
JCDI:ADS343402:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie paragraaf 4.3.2.
Indien de algemene vergadering aan een vennootschapsorgaan de bevoegdheid heeft toebedeeld aandelen uit te geven, dan omvat die bevoegdheid mede de bevoegdheid tot het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen. Zie paragraaf 4.3.3 onder c.
Over het voorkeursrecht paragraaf 4.4.4.
Vgl. Kamerstukken II 1978/1979, 15 304, nr. 3, p. 15, waarin de minister stelt dat bmvk’s aan alle regels voor nv’s zijn onderworpen.
Anders Maatman en Raaijmakers (jr.), Frijns bundel 2005, p. 329, die menen dat het bestuur van een bmvk zich altijd moet laten leiden door het aandeelhoudersbelang.
De bmvk onderscheidt zich van de “gewone” nv doordat het bestuur van de bmvk krachtens de statuten bevoegd is aandelen uit te geven, te verwerven en te vervreemden. Zodoende kan de bmvk op slagvaardige wijze aandelen uitgeven indien de vraag naar haar aandelen groter is dan het aanbod en aandelen gemakkelijk inkopen indien het aanbod groter is dan de vraag. Deze aspecten zijn van belang voor een vennootschap die beschermingsprefs uitgeeft, inkoopt en/of intrekt. Daarom ga ik hieronder nader op de aspecten rondom uitgifte in.
Ingevolge art. 2:96b BW gelden de regels omtrent uitgifte van aandelen en het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen (art. 2:96 BW), alsook de regels omtrent het voorkeursrecht bij de uitgifte van aandelen (art. 2:96a BW) niet voor een bmvk. Dit houdt onder meer in dat geen besluit van de algemene vergadering vereist is tot uitgifte of tot het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen, noch tot aanwijzing van het bestuur als het tot uitgifte bevoegde orgaan. Het bestuur van een bmvk is zonder meer bevoegd tot het uitgeven van aandelen. Betekent dit dat een besluit van het bestuur vereist is? Ik zou menen van wel. Ons systeem is zo dat elke kapitaalverhoging plaatsvindt krachtens een besluit.1 Bovendien is het bestuur sowieso op grond van art. 2:130 lid 1 BW bevoegd om de bmvk te vertegenwoordigen bij de rechtshandeling van uitgifte. De bevoegdheid in art. 2:76a lid 1 onderdeel b BW kan daarom niet op een andere dan op de besluitvorming slaan. Nu art. 2:96 BW niet geldt voor bmvk’s en art. 2:76a lid 1 onderdeel b BW alleen spreekt van uitgifte van aandelen, komt de vraag op of het bestuur van een bmvk voorts bevoegd is om rechten tot het nemen van aandelen te verlenen. Ik meen van wel. De regeling omtrent uitgifte van aandelen bij een “gewone” nv is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen. Ik zie niet in waarom dat bij een bmvk anders zou moeten zijn.2
Voorts bepaalt art. 2:96b BW dat art. 2:96a BW evenmin van toepassing is op een bmvk. Dit betekent dat een aandeelhouder van een bmvk bij uitgifte van aandelen geen voorkeursrecht heeft bij de uitgifte van aandelen en voorts dat de regels rondom uitsluiting of beperking van het voorkeursrecht niet van toepassing zijn op een bmvk. Omdat een houder van gewone aandelen in een nv in principe ook geen voorkeursrecht heeft bij de uitgifte van beschermingsprefs, laat ik dit aspect verder buiten beschouwing.3
Het voorgaande brengt met zich mee dat het bestuur van een bmvk op ieder moment aandelen kan uitgeven. Naar mijn mening is het bestuur bij het besluit tot uitgifte wel gebonden aan de regels van het algemene vennootschapsrecht, zoals daar zijn de redelijkheid en billijkheid, het gelijkheidsbeginsel, de norm waarnaar het bestuur zich moet richten ingevolge art. 2:129 lid 5 BW en de regels van behoorlijk bestuur.4 Zo kan ook het besluit tot uitgifte van aandelen in een bmvk vernietigbaar zijn op de voet van art. 2:15 BW. Wel geldt dat bij het besluit tot uitgifte van aandelen in een bmvk over het algemeen andere maatstaven zullen gelden dan die gelden bij besluiten tot uitgifte van aandelen in een “gewone” nv. Het doel van een bmvk is immers het beleggen van haar vermogen op een zodanig manier dat de risico’s daarvan worden gespreid teneinde haar aandeelhouders in de opbrengst te doen delen. De aandeelhouders worden met zo veel woorden als direct belanghebbenden genoemd. Zeker bij een bmvk die in courante waarden belegt, zal het bestuur met weinig andere stakeholders te maken hebben. Dat betekent niet dat ik in zijn algemeenheid van mening ben dat het bestuur van een bmvk zich altijd moet laten leiden door het aandeelhoudersbelang en de andere belangen daaraan ondergeschikt maakt.5 Ik meen dat onderscheid moet worden gemaakt tussen verschillende soorten bmvk’s en kom daar in de volgende paragraaf op terug.