Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/7.2.3.2
7.2.3.2 Ambtshalve toekenning kadastrale aanduiding
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS622168:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
In wezen is iedere toekenning van een kadastrale aanduiding 'ambtshalve'. Bij beslag op nog niet ingeschreven netten wordt met 'ambtshalve' echter bedoeld dat toekenning van een kadastrale aanduiding niet plaatsvindt naar aanleiding van een verzoek van de notaris daartoe.
Conform artikel 60 Kadasterregeling.
Indien de beslagdebiteur niet bekend is zal dat gegeven worden opgevoerd met vermelding van een netwerknummer en daarna zal het beslag kunnen worden geregistreerd. Als het net nadien wordt geregistreerd zal de notaris in zijn akte moeten benoemen dat de eigenaar niet bij het kadaster bekend was maar dat die had moeten zijn 'leidingeigenaar X'.
Vraag is of B, voordat een uitspraak komt in de bodemprocedure, met de toekenning van een voorlopige kadastrale netaanduiding, zou kunnen voldoen aan de vereisten die voor het leggen van executoriaal beslag worden gesteld.
Beslag tot levering is altijd in de vorm van een conservatoir beslag.
Verjaring zou wellicht ook een reden voor inschrijving kunnen zijn.
Wanneer een proces-verbaal van inbeslagneming van een net wordt aangeboden aan de bewaarder en dit net blijkt niet ingeschreven te zijn in de openbare registers, dan wordt door de bewaarder ambtshalve1 een kadastrale aanduiding toegekend aan dit net.2 Deze kadastrale aanduiding wordt toegekend en de beslagdebiteur wordt als `eigenaar' geregistreerd.3 In de kadastrale registratie zal op de percelen die in het beslag zijn genoemd, worden aangetekend dat op het net dat genoemde percelen doorkruist beslag is gelegd. Bij alle inschrijvingen van netten die volgen, zal onderzocht worden of een eventueel gelegd beslag op de (nieuwe) inschrijving betrekking kan hebben. Dit onderzoek wordt gedaan door vergelijking van de gegevens van de beslagdebiteur, de omschrijving in het beslagrekest en eventuele aanvullende informatie van de deurwaarder met de gegevens die in de akte van overdracht of notariële verklaring (eerste registratie) staan vermeld. Vooral de percelen die volgen uit de aangeboden nettekening (de hartlijn) zullen vergeleken worden met de in het beslag genoemde percelen. Als een 'nieuwe' inschrijving een net betreft dat al eerder (voorlopig) ingeschreven is, dan zal geen nieuwe netwerkaanduiding worden toegekend, maar zal de voorlopige inschrijving `definitief' worden gemaakt.
Conservatoir beslag op een niet-ingeschreven net is mogelijk doordat de bewaarder ambtshalve een kadastrale aanduiding toekent aan het beslagen net. Wanneer de vorderingen van de schuldeiser (hierna: B) in de procedure worden toegewezen en B een executoriale titel krijgt om de vermogensbestanddelen van de beslagdebiteur (hierna: A) uit te winnen, kan B de conservatoire beslagen 'omzetten' in executoriale beslagen. Gelet op het gestelde in de vorige alinea, zal B het net kunnen executeren waarbij in ogenschouw moet worden genomen dat het net in voldoende mate in de leveringsakte moet worden omschreven. Stel nu echter dat B vooraf géén conservatoir beslag had gelegd op het net omdat hij dit vermogensbestanddeel van A niet kende, maar ná het verkrijgen van de executoriale titel erachter komt dat A een net in eigendom heeft dat niet geregistreerd is in de openbare registers. Kan B op basis van genoemde titel executoriaal beslag leggen op het net? Hoewel de methodiek zoals gehanteerd bij conservatoir beslag (noemen van één doorsneden perceel is voldoende voor een voorlopige kadastrale aanduiding) ook hier logisch lijkt, loopt het waarschijnlijk spaak bij het opmaken van een proces-verbaal van (executoriale) inbeslagneming. Volgens artikel 504 Rv dient in het proces-verbaal op straffe van nietigheid de kadastrale aanduiding van de onroerende zaak te worden vermeld. Aangezien het hier een niet-ingeschreven net betreft is het noemen van een kadastrale aanduiding niet mogelijk en dus kan niet aan de formaliteiten voor executoriaal beslag worden voldaan. Wat rest B dan nog wel? Waarschijnlijk zal B als enige optie hebben om — als B zijn vordering niet (volledig) op de overige vermogensbestanddelen van A kan verhalen — conservatoir beslag te leggen op het net gevolgd door een bodemprocedure.4 Doet hetzelfde probleem zich ook voor bij een beslag tot levering van een net? Stel X heeft een net verkocht aan Y. Het net is door X nog niet geregistreerd; de eerste inschrijving zal voor (of gelijktijdig met) de overdracht door X worden gerealiseerd. X schrijft het net echter niet in en weigert ook het net aan Y te leveren. Wat kan Y doen? In deze situatie kan Y conform artikel 730 Rv (conservatoir5) beslag tot levering leggen. De identificatie van het net zal kunnen plaatsvinden door het noemen van slechts één doorsneden perceel waarna ambtshalve een kadastrale netaanduiding kan worden toegekend. Het beslag blijft geldig totdat de levering heeft plaatsgevonden (zie artikel 735 Rv). Y zal dan een bodemprocedure moeten starten waarin hij kan vorderen dat de uitspraak van de rechter dezelfde kracht heeft als een in wettige vorm opgemaakte akte die, nadat deze in kracht van gewijsde is gegaan, ingeschreven kan worden in de openbare registers (zie artikelen 3:300 en 3:301 BW).
Een net kan evenwel kenbaar zijn in de openbare registers ook al is vooraf de bevoegde aanleg ervan niet geconstateerd of beoordeeld (door een notaris) 6 Kan een `ambtshalve' geïdentificeerd net nog enig 'voordeel' opleveren voor de beslagdebiteur? Althans zou bij inschrijving van de akte van overdracht het over te dragen net nog nader gespecificeerd moeten worden door middel van een netwerktekening of is vermelding van de ambtshalve toegekende kadastrale netaanduiding voldoende om het net te individualiseren (conform 3:84 BW)? Hoewel aan artikel 48 Kw lijkt te zijn voldaan, zal de akte van overdracht, waarin een netaanduiding wordt genoemd dat ambtshalve is toegekend, niet worden ingeschreven door de bewaarder. De bij beslag ambtshalve toegekende netwerkaanduiding is gebaseerd op een administratieve of voorlopige inschrijving die geen rechtsgevolg beoogt. De ambtshalve toegekende netaanduiding heeft slechts een administratieve betekenis. Om een overdracht van een net te kunnen realiseren is noodzakelijk dat de overdracht is onderbouwd door middel van een stuk in de openbare registers. Enkel een ambtshalve toegekende netaanduiding is derhalve niet voldoende voor eerste inschrijving van een net.