Art. 2:11 BW, doorgeefluik van bestuurdersaansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Art. 2:11 BW, doorgeefluik van bestuurdersaansprakelijkheid (IVOR nr. 106) 2017/5.5.2:5.5.2 Aansprakelijkheid op grond van borgtocht
Art. 2:11 BW, doorgeefluik van bestuurdersaansprakelijkheid (IVOR nr. 106) 2017/5.5.2
5.5.2 Aansprakelijkheid op grond van borgtocht
Documentgegevens:
mr. C.E.J.M. Hanegraaf, datum 25-06-2017
- Datum
25-06-2017
- Auteur
mr. C.E.J.M. Hanegraaf
- JCDI
JCDI:ADS304851:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Regelmatig komt het bijvoorbeeld in het kader van overname-financieringen voor dat een rechtspersoon zich tegenover een schuldeiser (bijvoorbeeld een bank) verbindt tot nakoming van een verbintenis die een derde – de hoofdschuldenaar (bijvoorbeeld een groepsmaatschappij) – tegenover de schuldeiser heeft of zal krijgen (de borgtocht; vgl. art. 7:850 e.v. BW). Ook hier geldt dat de borg de betreffende overeenkomst niet aangaat als bestuurder. De aansprakelijkheid van de rechtspersoon-borg rust derhalve niet via art. 2:11 BW op de tweedegraads bestuurder van die rechtspersoon.