Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/7.5.5.1
7.5.5.1 Achtergrond en wettelijke grondslag
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258351:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Voetnoten
Voetnoten
Dat de douanewaarde de werkelijke economische waarde van de ingevoerde goederen moet reflecteren volgt uit artikel VII:2 a en b GATT 1947 en diverse arresten van het Hof van Justitie zoals HvJ EG 16 november 2006, nr. C-306/04 (Compaq Computer International Corporation), ECLI:EU:C:2006:716, r.o. 30, HvJ EU 19 maart 2009, nr. C-256/07 (Mitsui & Co. Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt Düsseldorf), ECLI:EU:C:2009:167, r.o. 20, HvJ EU 15 juli 2010, nr. C-354/09 (Gaston Schul BV tegen Staatssecretaris van Financiën), ECLI:EU:C:2010:439, r.o. 29, HvJ EU 12 december 2013, nr. C-116/12 (Ioannis Christodoulou e.a. tegen Elliniko Dimosio), ECLI:EU:C:2013:825, r.o. 40, HvJ EU 16 juni 2016, nr. C-291/15 (EURO 2004. Hungary Kft.), ECLI:EU:C:2016:45526, HvJ EU 9 maart 2017, nr. C-173/15 (GE Healthcare GmbH tegen Hauptzollamt Düsseldorf), ECLI:EU:C:2017:195, r.o. 30, HvJ EU 11 mei 2017, nr. C-59/16 (The Shirtmakers BV), ECLI:EU:C:2017:362, r.o. 28, HvJ EU 12 oktober 2017, nr. C-661/15 (X BV tegen Staatssecretaris van Financiën), ECLI:EU:C:2017:753, r.o. 37, HvJ EU 9 november 2017, nr. C-46/16 (,LS Customs Service’’ SIA), ECLI:EU:C:2017:839, r.o. 30, HvJ EU 20 december 2017, nr. C-529/16 (Hamamatsu Photonics Deutschland GmbH tegen Hauptzollamt München), ECLI:EU:C:2017:984, r.o. 24, HvJ EU 20 juni 2019, nr. C-1/18 (Oribalt Rīga tegen Valsts ieņēmumu dienests), ECLI:EU:C:2019:519, r.o. 22 en HvJ EU 9 juli 2020, nr. C-76/19, (Direktor na Teritorialna direktsiya Yugozapadna Agentsiya „Mitnitsi”, voorheen Nachalnik na Mitnitsa Aerogara Sofia tegen „Curtis Balkan” EOOD), ECLI:EU:C:2020:543, r.o. 34.
HvJ EU 21 januari 2016, C-430/14 (Valsts ieņēmumu dienests tegen Artūrs Stretinskis), ECLI:EU:C:2016:43, r.o. 22.
Punt 2 van de Aantekening bij artikel 1, lid 2, CVA. Commentary 14.1. Application of Article 1, paragraph 2. (Adopted, 18th Session, 21 November 1989, 35.650).
Artikel 134, lid 1, UDWU.
Indien de verkoper en koper van de ingevoerde goederen worden aangemerkt als verbonden partijen in de zin van artikel 127 UDWU (onderdeel 7.5.5.2) en de verbondenheid de vaststelling van partijen de afgesproken prijs heeft beïnvloed, verhindert dat de toepassing van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen. De douanewaarde moet dan overeenkomstig een alternatieve waarderingsmethode worden vastgesteld. Deze voorwaarde voor toepassing van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen, houdt verband met het feit dat verbonden partijen genegen zijn om andere prijzen af te spreken dan partijen die niet aan elkaar verbonden zijn. Er bestaat derhalve een risico dat de overeengekomen transactiewaarde van de ingevoerde goederen niet de ‘werkelijke (economische) waarde’ reflecteert die onder een normale handelstransactie en onder volledig vrije mededinging tot stand zou zijn gekomen.1 De voorwaarde is met andere woorden ingegeven om het gebruik van willekeurige of fictieve douanewaarden uit te sluiten.2
Indien de verbondenheid van partijen geen invloed heeft gehad op de gehanteerde prijs, kan de transactiewaarde van de ingevoerde goederen worden toegepast om de douanewaarde te bepalen. Over of sprake is van prijsbeïnvloeding door de verbondenheid van partijen kunnen echter twijfels bestaan bij de douaneautoriteiten. Daarbij geldt dat het simpele feit dat partijen verbonden zijn niet met zich brengt dat sprake is van prijsbeïnvloeding.3 Indien er om andere redenen twijfels bestaan of de verbondenheid invloed heeft gehad op de afgesproken prijs, wordt de aangever in de gelegenheid gesteld door de douaneautoriteiten om documentatie te overleggen waaruit het tegendeel volgt.4 De aangever slaagt in zijn bewijslast indien hij aantoont dat de gehanteerde prijs één van de zogenaamde testwaarden zoals bedoeld in artikel 134, lid 2, UDWU zeer dicht benaderd. De testwaarden zijn waardes die soortgelijk zijn aan waardes die overeenkomstig de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen, de aftrekmethode of de methode van de berekende waarde worden vastgesteld. De testwaarden zijn dus soortgelijk aan de alternatieve waarderingsmethoden die het mogelijk maken om de douanewaarde bij benadering gelijk aan de economische waarde van de ingevoerde goederen vast te stellen, al lijken de voorwaarden voor toepassing van de testwaarden strenger (onderdeel 7.5.5.4).
De testwaarden kunnen in de praktijk vaak niet geïdentificeerd worden door de strenge voorwaarden. Zodoende moeten de omstandigheden van de verkoop worden onderzocht en zal de aangever op basis van andere documentatie moeten aantonen dat de prijs niet is beïnvloed (onderdeel 7.5.5.3). In de praktijk wordt in die gevallen veelal gebruik gemaakt van verrekenprijsdocumentatie om één en ander aan te tonen. Over de vaststelling van de transactiewaarde van de ingevoerde goederen bij verbonden partijen en de invloed die de vaststelling van interne verrekenprijzen daarop heeft, wordt nader ingegaan in hoofdstuk 10.