Morganatisch burgerschap
Einde inhoudsopgave
Morganatisch burgerschap 2019/4.4.4:4.4.4 Tussenconclusie Periode III
Morganatisch burgerschap 2019/4.4.4
4.4.4 Tussenconclusie Periode III
Documentgegevens:
mr. G. Karapetian, datum 16-12-2019
- Datum
16-12-2019
- Auteur
mr. G. Karapetian
- JCDI
JCDI:ADS181187:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze laatste periode is de LGO-regeling grondig herzien. Opvallend is dat de vernieuwingen in de LGO-besluiten beduidend groter zijn ten aanzien van de voorgaande perioden. Nadat in 1991 grotendeels afstand is genomen van de parallellie die bestond tussen de relatie E(E)G-LGO enerzijds en E(E)G-ACS anderzijds, hebben de LGO zich een zelfstandige positie verworven in het Gemeenschaps- onderscheidenlijk Unierecht. De rechtenvrije toegang van licht bewerkte producten uit ACS-staten en derde landen in de LGO had tot gevolg dat deze producten zonder beperkingen konden worden opgenomen in de gemeenschappelijke markt en zorgde daarmee voor een ernstige verstoring van de markt inzake rijst en suiker. Om deze reden werd in 1997 een besluit genomen tot tussentijdse herziening van het LGO-besluit uit 1991. Dit herzieningsbesluit maakte het mogelijk dat vrijwaringsmaatregelen zouden worden genomen ten aanzien van producten van ACS-origine die na een toereikende bewerking in de LGO de Gemeenschap werden ingevoerd. Naar aanleiding van deze wijziging zijn er verschillende uitspraken geweest van het Hof van Justitie in zaken waarin het rechtscollege werd verzocht om de nietigverklaring van het herzieningsbesluit van 1997 en daarnaast de nietigverklaring van verschillende Verordeningen die uitvoering gaven aan de vrijwaringsmaatregelen. Alle beroepen, behalve in de gevoegde zaken T-32/98 en T-41/98 (Nederlandse Antillen vs. Commissie van de Europese Gemeenschappen), Jur. II-205, werden ongegrond verklaard door het Hof van Justitie.
In Verklaring nr. 36 – gehecht aan de slotakte van het Verdrag van Amsterdam – kwamen de lidstaten tot de conclusie dat de LGO-regeling zoals die destijds gold niet toereikend was voor de overgebleven LGO en aldus toe was aan herziening. Deze herziening, waarin belangrijke restricties zijn gesteld ten aanzien rijst en suiker, volgde in 2001. De Commissie presenteerde in het Groenboek uit 2008 dat de samenwerking met de LGO niet meer in het teken moet staan van de bestrijding van armoede, maar juist van de versterking van duurzaamheid, waarbij aandacht wordt besteed aan het versterken van het concurrentievermogen van de LGO, het versterken van het aanpassingsvermogen en tot slot het stimuleren van de samenwerking van de LGO in de eigen regio teneinde de Europese normen en waarden uit te dragen aan de buitengrenzen van de Unie. Het Koninkrijk steunt deze brede aanpak van de Commissie. Naast de verschillende arresten inzake het herzieningsbesluit van 1997 en de vrijwaringsmaatregelen die waren genomen op grond van dit besluit, heeft het Hof van Justitie een belangrijke uitspraak gedaan in Eman en Sevinger. Hierin werd geoordeeld dat de ingezetenen van de LGO die de nationaliteit hebben van een lidstaat zich kunnen beroepen op de rechten die zijn gekoppeld aan het Europees burgerschap. Over deze laatste uitspraak volgt meer in Hoofdstuk V, bij de bespreking van het Unieburgerschap in de LGO.