Einde inhoudsopgave
De niet-uitvoerende bestuurder in een one tier board (VDHI nr. 168) 2020/III.4.1
III.4.1 De eerste stappen
mr. N. Kreileman, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. N. Kreileman
- JCDI
JCDI:ADS242823:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Aangezien de (toezichthoudende) taken en bevoegdheden van de raad van commissarissen naar het bestuur verschuiven, is mijns inziens sprake van een belangrijke wijziging in de verdeling van de bevoegdheden binnen de onderneming als bedoeld in art. 25 lid 1 sub e WOR. Evenzo Calkoen 2012, p. 307. Zie hierover nader § III.3.1.
Idem Seinstra, O&F 2008, afl. 4, p. 60. De algemene vergadering is daartoe op grond van art. 2:121/231 lid 1 BW bevoegd. Uit de interviews die in het kader van de evaluatie van de Wet bestuur en toezicht zijn afgenomen, blijkt dat bij één van de geïnterviewde vennootschappen in de statuten was voorzien in een combinatie van een monistisch en een dualistisch bestuursmodel. Dit was echter een kennelijke fout: bij de statutenwijziging die leidde tot de invoering van de one tier board, zijn de bepalingen inzake de raad van commissarissen onbedoeld gehandhaafd. Zie Boschma e.a. 2018, p. 69-70.
Op Aruba en de BES-eilanden kunnen het monistische en dualistische model evenmin gecombineerd worden, zie art. 52 lid 1 LVBA en art. 2:19 lid 1 BW-BES.
Zie Kamerstukken II 2008/09, 31 763, 3, p. 3 (MvT).
Wat is rechtens als een vennootschap van een dualistisch bestuursmodel naar een monistisch bestuursmodel wil switchen? Welke stappen moeten in dat geval worden genomen? Allereerst behoort het bestuur een voorstel tot wijziging van het bestuursmodel uit te werken. Vervolgens moet de ondernemingsraad op grond van art. 25 lid 1 sub e WOR om advies gevraagd worden.1 Daarna dient de algemene vergadering een besluit tot statutenwijziging te nemen. Zij dient niet alleen de one tier board conform art. 2:129a/239a lid 1 BW in de statuten te introduceren, maar ook de raad van commissarissen uit de statuten te schrijven.2 Opteert de vennootschap voor het monistische bestuursmodel, dan kan zij daarnaast niet ook nog een raad van commissarissen hebben. Zulks volgt uit art. 2:140/250 lid 1 BW.3 De gedachte is dat een raad van commissarissen overbodig is wanneer het bestuur van de vennootschap is ingericht als een one tier board, aangezien de niet-uitvoerende bestuurders dan de ‘commissaristaken’ vervullen.4