Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen
Einde inhoudsopgave
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.8.2:11.8.2 Volmacht en biedplicht
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.8.2
11.8.2 Volmacht en biedplicht
Documentgegevens:
mr. R.A.F. Timmermans, datum 01-10-2017
- Datum
01-10-2017
- Auteur
mr. R.A.F. Timmermans
- JCDI
JCDI:ADS345829:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* 2009/624.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In paragraaf 7.5.3 onder b refereerde ik aan de mogelijkheid om de stichting aan de financierende bank een onherroepelijke volmacht te laten verlenen, zodat deze laatste een verzoek kan indienen om al dan niet via tussenkomst van de rechter een algemene vergadering bijeen te roepen en in die algemene vergadering op de beschermingsprefs te stemmen vóór het voorstel tot machtiging van het bestuur tot inkoop van de beschermingsprefs of het voorstel tot intrekking van de beschermingsprefs. Zodoende houdt de bank het heft in eigen hand om via inkoop of intrekking van de beschermingsprefs aflossing van de lening door de stichting te bewerkstelligen.
Naar mijn mening verkrijgt de bank hiermee geen overwegende zeggenschap in de vennootschap in de zin van art. 1:1 Wft en is de bank dientengevolge niet verplicht om een openbaar bod uit te brengen in de zin van art. 5:70 Wft. De bank zal het stemrecht louter uitoefenen met het oog op de intrekking of inkoop van de beschermingsprefs om zodoende het uitgeleende bedrag terug te krijgen. Het is de bank niet te doen om zijn macht te (mis)bruiken in de vennootschap. Bescherming van minderheidsaandeelhouders is hier niet aan de orde.1
Hetzelfde geldt voor de rechten die door de wet zijn toegekend aan de houders van met medewerking van de vennootschap uitgegeven certificaten van aandelen. Ook deze geven geen overwegende zeggenschap. Mijn waarneming is overigens dat deze rechten in de praktijk niet worden toegekend aan de bank als pandhouder.