Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/7.6.1.3.1
7.6.1.3.1 Bijkomend dienstbetoon niet vereist
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291151:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
HR 9 november 1983, nr. 21.903, BNB 1984/48, m.nt. Simons.
HR 30 oktober 1991, nr. 27.111, BNB 1991/362.
HR 26 januari 2007, nr. 41.917, BNB 2007/153, m.nt. Bijl.
HR 26 januari 2007, nr. 41.917, BNB 2007/153, m.nt. Bijl, r.o. 3.5 en 3.6.
Anders: Nieuwenhuizen, commentaar bij HR 26 januari 2007, nr. 41.917, NTFR 2007/185.
HR 26 januari 2007, nr. 41.917, BNB 2007/153, m.nt. Bijl, r.o. 3.5.
Conclusie van A-G Jacobs 25 september 1997, zaak C-346/95, ECLI:EU:C:1997:432, punten 19 en 22 (Blasi).
HvJ EG 12 februari 1998, zaak C-346/95, V-N 1998/28.24, r.o. 24 (Blasi). In soortgelijke zin: conclusie A-G De Wit 14 maart 2006, nr. 41.917, V-N 2006/22.14, punt 5.8.
De uitzondering van art. 11 lid 1, onderdeel b, 2° Wet OB wordt ook in de Nederlandse jurisprudentie ruim uitgelegd. Zo heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de verhuur van een enkele vakantiewoning zonder bijkomend dienstbetoon belast is met btw.1 De Hoge Raad bedient zich in dit arrest van een tweetrapsraket. Eerst stelt hij vast dat de exploitatie van de vakantiewoning op grond van art. 7 lid 2, onderdeel b Wet OB geacht wordt bedrijfsmatig plaats te vinden en dat dit meebrengt dat die exploitatie plaatsvindt in het kader van het vakantiebestedingsbedrijf. Dat ook zonder bijkomend dienstbetoon sprake kan zijn van verhuur als bedoeld in art. 11 lid 1, onderdeel b, 2° Wet OB is vaste jurisprudentie. Zo is de verhuur van stukjes grond aan het water zonder verdere voorzieningen voor dagrecreatie aangemerkt als verhuur als bedoeld in art. 11 lid 1, onderdeel b, 2° Wet OB.2 Daarnaast is de verhuur van gemeubileerde appartementen zonder bijkomend dienstbetoon voor betrekkelijk korte tijd – gemiddeld circa vijf maanden – ten behoeve van het huisvesten van tijdelijk uitgezonden werknemers onder art. 11 lid 1, onderdeel b, 2° Wet OB gerangschikt.3
De Hoge Raad is van oordeel dat voormelde ruime uitleg van art. 11 lid 1, onderdeel b, 2° Wet OB richtlijnconform is.4 Naar mijn mening is dat terecht.5 De uitzondering van art. 135 lid 2, onderdeel a Btw-richtlijn is namelijk ook van toepassing op het verstrekken van accommodatie in vakantiekampen of op kampeerterreinen, terwijl het verstrekken van bijkomende diensten, zoals het schoonmaken van kamers, het regelen van bad- en bedlinnen en een ontbijtservice, niet eigen is aan deze verhuurdiensten.6 Ook de conclusie van A-G Jacobs in de zaak Blasi biedt steun voor deze opvatting. Hierin heeft A-G Jacobs weliswaar gesteld dat bij kortdurende verhuur eerder sprake zal zijn van bijkomende diensten, maar uit zijn conclusie blijkt dat hij deze diensten voor de toepassing van art. 135 lid 2, onderdeel a Btw-richtlijn niet noodzakelijk acht. Naar zijn mening is het criterium ‘verstrekken van bijkomende diensten’ een ‘onzeker en moeilijk toepasbaar criterium’ voor het onderscheid tussen de verhuur van woonruimte en het verstrekken van accommodatie in het hotelbedrijf of sectoren met een soortgelijke functie. In dit kader wijst A-G Jacobs erop dat in het niveau van de door hotels, pensions en campings aangeboden diensten grote verschillen bestaan en dat er hotels zijn die niet meer dan een kamer en campings die niet meer dan een kampeerplaats aanbieden.7 Uit het Blasi-arrest leid ik af dat het Hof van Justitie deze opvatting van A-G Jacobs deelt, aangezien het Hof het verstrekken van bijkomende diensten in dit arrest niet tot de essentiële functie van een hotel rekent.8 Dit betekent dat de Hoge Raad terecht van oordeel is dat voor het verstrekken van accommodatie in het hotelbedrijf of in sectoren met een soortgelijke functie niet is vereist dat bijkomende diensten worden verstrekt.