De turboliquidatie van de Besloten Vennootschap
Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/7.2.1:7.2.1 De Wet Flex-BV, het kapitaal en de kapitaalbescherming
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/7.2.1
7.2.1 De Wet Flex-BV, het kapitaal en de kapitaalbescherming
Documentgegevens:
mr. S. Renssen, datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- Auteur
mr. S. Renssen
- JCDI
JCDI:ADS385071:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Janse de Jonge & Vossen-Van Eldik 2012, p. 265-266.
De artikelen 2:203a, 204a en 204b BW (oud) zijn vervallen.
Zie paragraaf 7.2.4.
Janse de Jonge & Vossen-Van Eldik 2012, p. 266-267.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Per 1 oktober 2012 is de Wet Flex-BV in werking getreden. Bij deze wet zijn belangrijke wijzigingen doorgevoerd inzake het kapitaal en kapitaalbescherming. De minister stelt over de invoering van de Wet Flex-BV het volgende:
‘De hoofdlijnen van het voorstel zijn: (…) een evenwichtig systeem van crediteurenbescherming.(…) De crediteurenbescherming wordt gebaseerd op een uitkeringstestin combinatie met aansprakelijkheidssancties voor bestuurders en aandeelhouders.(…) De regels voor kapitaalvermindering worden versoepeld; crediteurenbeschermingbij uitkering aan aandeelhouders, bij kapitaalvermindering en bij inkoop van eigenaandelen wordt vormgegeven door een uitkeringstoets en een verplichting tot vergoedingvan het tekort door de bestuurders die niet te goeder trouw waren toen zij hetbesluit tot uitkering goedkeurden en door degenen die niet te goeder trouw waren toenzij die uitkering ontvingen.’1
De wijzigingen ten aanzien van het kapitaal zijn gelegen in de artikelen 2:178 en 2:191 BW. Eén van de belangrijkste wijzigingen voor de praktijk is de afschaffing van het minimumkapitaal. Voorheen bedroeg het minimumkapitaal voor BV’s € 18.000,-, terwijl het tegenwoordig mogelijk is een BV op te richten met een geplaatst kapitaal van slechts € 0,01. In artikel 2:178 BW is voorts bepaald dat het niet langer verplicht is om het maatschappelijk kapitaal op te nemen in de statuten. Hierdoor kunnen er onbeperkt aandelen worden uitgegeven zonder dat de statuten daarvoor gewijzigd hoeven te worden. Verwacht wordt dat dit tot gevolg heeft dat de meeste nieuw opgerichte BV’s geen maatschappelijk kapitaal in hun statuten zullen opnemen. Het opnemen van een maatschappelijk kapitaal kan in bepaalde situaties toch nog een functie hebben, namelijk wanneer in de statuten is opgenomen dat de besluitvorming tot uitgifte van aandelen aan een ander orgaan is toegekend. Het maatschappelijk kapitaal vormt in dergelijke situaties een maximum tot waar aandelen kunnen worden uitgegeven zonder medewerking van de algemene vergadering. Wanneer het in dergelijke situaties wenselijk wordt geacht om boven het maatschappelijk kapitaal aandelen uit te geven, is een besluit van de algemene vergadering (een statutenwijziging) vereist. Bovendien wordt niet langer voorgeschreven dat de statuten het aantal aandelen dienen te vermelden en dat van het maatschappelijk kapitaal minimaal een vijfde deel dient te zijn geplaatst en een vierde deel dient te zijn gestort. De stortingsplicht kan dus in zijn geheel worden uitgesteld tot het moment dat de BV het nog niet gestorte kapitaalgedeelte opvraagt.2
Andere belangrijke wijzingen betreffen het vervallen van de inbrengcontrole.3 Er is dus geen bankverklaring meer vereist in geval van inbreng in contanten en geen accountantsverklaring in geval van inbreng in natura. Ook de Nachgründung-bepaling van artikel 2:204c BW (oud) is komen te vervallen. De reden waarom voormelde bepalingen zijn geschrapt, is enerzijds gelegen in het feit dat de meerwaarde ervan voor de bescherming van schuldeisers beperkt bleek te zijn. Anderzijds brachten zij onnodige kosten voor het bedrijfsleven met zich.4
Wat betreft het bijeenhouden van het kapitaal in een BVis de regeling inzake uitkering van dividend en reserves aanzienlijk aangepast (artikel 2:216 BW).5 Ook de regeling van inkoop van aandelen is gewijzigd. Bovendien is het steunverbod (oftewel de ‘financial assistance clause’) volledig komen te vervallen met de invoering van de Wet Flex-BV.6 Tot slot is de regeling inzake de intrekking van aandelen (vermindering van het geplaatst kapitaal) gewijzigd, hetgeen hieronder in paragraaf 7.2.4 aan bod zal komen.7