Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden
Einde inhoudsopgave
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/IV.6.6:IV.6.6 Tussenconclusie rechterlijk bevel
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/IV.6.6
IV.6.6 Tussenconclusie rechterlijk bevel
Documentgegevens:
mr. T.R. Bleeker LLM, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
mr. T.R. Bleeker LLM
- JCDI
JCDI:ADS460310:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Op natuurlijke personen met een leidinggevende functie binnen een onderneming rusten verschillende milieuverplichtingen. De naleving van deze verplichtingen kan worden afgedwongen met een rechterlijk bevel in de zin van artikel 3:296 BW. Een rechterlijk bevel kan worden toegewezen wanneer een leidinggevende een rechtsplicht dreigt te schenden die strekt tot de bescherming van de belangen van de eiser. Voor de toewijzing van een bevel gericht tot een bestuurder, gelden geen afwijkende criteria. Meer specifiek is geen (persoonlijk) ernstig verwijt vereist voor de aansprakelijkheid van een bestuurder tot de naleving van een rechtsplicht op grond van artikel 3:296 BW. Het rechterlijk bevel is een veelbelovende maar – voor zover ik kan nagaan – nog onbenutte remedie om te bewerkstelligen dat natuurlijke personen met zeggenschap over de milieurelevante activiteiten binnen een bedrijf ervoor zorgen dat de toepasselijke milieuvoorschriften worden nageleefd. Daarom hoop ik op meer belangstelling voor het rechterlijk bevel in deze context in de rechtswetenschap en rechtspraktijk.