Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/8.2.5:8.2.5 Aanpassingen aan de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/8.2.5
8.2.5 Aanpassingen aan de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258500:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Een trouwe klant kan, als onderdeel van een loyaliteitsprogramma, wellicht een lagere prijs berekent krijgen dan een nieuwe klant.
HvJ EU 20 juni 2019, nr. C-1/18 (Oribalt Rīga tegen Valsts ieņēmumu dienests), ECLI:EU:2019:C:2019:519, r.o. 28.
Onderdelen 7.2.3, 11.4.3.2 en 11.4.3.6.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De feitelijke constellatie van transacties van identieke en soortgelijke goederen zijn per definitie ongelijk aan de transactie waarmee de te waarderen goederen ten invoer worden aangegeven in de Europese Unie. In dat verband kan worden gewezen op distorsies die worden veroorzaakt door het externe tijdselement zoals besproken in onderdeel 8.2.4.1, maar ook op andere factoren zoals de marktstrategie van de verkoper1 en prijselementen die in de verkoopprijs liggen besloten. Voor dat laatste is in artikel 141, lid 2, UDWU opgenomen dat de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen aangepast moet worden als de wijze van transport en afgelegde afstanden van de te waarderen goederen afwijken van de wijze waarop en de afstand waarover de identieke en soortgelijke goederen zijn vervoerd. De CVA alsmede het DWU-wetgevingspakket geeft geen uitsluitsel of (andere) prijselementen die worden genoemd in artikel 71 DWU ook in de transactiewaarde begrepen moeten worden voor de waardering van de ingevoerde goederen. Ik ben van mening dat de bijtelelementen zoals bedoeld in artikel 71 DWU alsook de aftrekelementen die staan genoemd in artikel 72 DWU in acht moeten worden genomen bij de vaststelling van de douanewaarde overeenkomstig de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen. Ik licht dat hierna toe.
Het Hof van Justitie heeft in het Oribalt Rīga tegen Valsts ieņēmumu dienests-arrest het ‘werkelijke economische waarde’-criterium doorgetrokken naar de transactiewaarde van identieke en soortgelijke goederen.2 Dat brengt met zich dat alle elementen die invloed hebben op de werkelijke economische waarde in acht genomen moeten worden bij het identificeren van identieke of soortgelijke goederen. Ook de prijselementen zoals genoemd in de artikelen 71 en 72 DWU kunnen in dat kader naar mijn mening een rol spelen. De economische waarde van de goederen kan bijvoorbeeld ten dele bestaan uit de betaling voor een royalty of licentierecht (onderdeel 11.5) of uit een toelevering van de koper aan de verkoper (onderdeel 11.4). Dat betekent dat vergelijkbare goederen pas identiek of soortgelijk zijn als de elementen die invloed hebben op de werkelijke economische waarde bij de ingevoerde goederen en de vergeleken goederen gelijk zijn. In die zin spelen de prijselementen van de artikelen 71 en 72 DWU dus ook een rol bij het vaststellen van de douanewaarde bij de toepassing van de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen.
De hoge mate van vergelijkbaarheid zal de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen minder toepasbaar maken. Dit is onwenselijk gelet op het feit dat de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen een beter substituut is om de economische waarde van het goed op het tijdstip van invoer te bepalen dan de andere alternatieve waarderingsmethoden. Dit volgt namelijk uit de strikte hiërarchie die is aangebracht tussen de waarderingsmethoden. Om die reden zou het wenselijk zijn om een correctie toe te laten op basis van de artikelen 71 en 72 DWU bij het waarderen van de ingevoerde goederen op basis van de identieke of soortgelijke goederen om de ‘drempel’ om de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen toe te passen te verlagen.3 Een voorbeeld kan dit verduidelijken.
Onderneming X produceert laptops zonder besturingssysteem van het merk A en importeert deze in de Europese Unie. Pas na invoer worden de laptops verkocht. Nu geen verkoop voor uitvoer geïdentificeerd kan worden, moet getoetst worden of de douanewaarde aan de hand van de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen bepaald kan worden. In dat kader betrekt onderneming Y laptops met besturingssysteem van het merk A van onderneming X en importeert deze in de Europese Unie. Y stelt daartoe in de Verenigde Staten ontwikkelde besturingssoftware gratis ter beschikking aan onderneming X. X installeert de besturingssoftware op de laptops in zijn productiefaciliteit buiten de Europese Unie. De douanewaarde voor deze laptops wordt bij invoer in de Europese Unie gebaseerd op de verkoopprijs die X en Y overeenkomen vermeerderd met de waarde van de gratis besturingssoftware die als toelevering wordt aangemerkt.4 Indien een correctie wordt toegelaten bij de toepassing van de transactiewaarde van identieke of soortgelijke goederen, houdt dat in dat de douanewaarde van de door X ingevoerde laptops wordt bepaald aan de hand van de transactiewaarde van de laptops die Y ten invoer aangeeft, echter nadat de waarde van de software daarvan in aftrek is gebracht.