Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/3.3
3.3. Doelstelling publiekrechtelijke toepassing van mededingingsrecht
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS575229:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor een overzicht van het beleid van de Europese Commissie in de afgelopen decennia Van Marissing 2005 (oratie).
De beleidsmatige afweging van de Commissie om al dan niet zelf te handhaven is vatbaar voor een marginale toetsing door de bestuursrechter. Een naar aanleiding van een klacht genomen besluit om niet handhavend op te treden dient wel door de Commissie te worden gemotiveerd, zodat de gemeenschapsrechter de wettigheid kan toetsen. Zie bijvoorbeeld GvEA EG 18 september 1992, zaak T-24/90 (Automec II), Jur. 1992, p. 11-2223.
Bij de toepassing van het mededingingsrecht door de Commissie en de NMa wordt het mededingingsrecht niet alleen gehandhaafd, maar wordt ook beleid gemaakt. Dit beleid wordt onder andere gevormd door de uitspraken in individuele zaken en de vaststelling van richtsnoeren (richtsnoeren staan ook wel bekend als 'soft law' nu deze rechtens onverbindend zijn).
De Commissie heeft bij het maken van beleid een andere positie dan de NMa.1 De Commissie heeft niet alleen uitvoerende taken zoals de NMa, maar ook wetgevingstaken. Zo berust bij de Commissie het verdragsrechtelijke recht van initiatief. Daarnaast worden veel wetgevingstaken door de Raad gedelegeerd aan de Commissie. De Commissie kan haar beleid tevens vormen met behulp van verordeningen. Het mededingingsbeleid komt ook naar voren in de verhouding tussen algemeen mededingingsrecht en sectorspecifieke weten regelgeving.
Bij het vormgeven van het beleid van de mededingingsautoriteit wordt ook de keuze gemaakt om zelf te handhaven (bestuursrechtelijk) of de handhaving over te laten aan de gedupeerde particulieren (privaatrechtelijk). Zo kan de Commissie een klacht afwijzen wegens het ontbreken van voldoende belang voor de Gemeenschap en kan de NMa een klacht afwijzen op grond van het eigen prioriteringsbeleid.2 Zie voor het prioriteringsbeleid van de NMa § 3.7.3.