Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars
Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/3.1:3.1 Inleiding
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/3.1
3.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS950470:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 6:159 BW bepaalt dat een partij bij een overeenkomst (hier: de overdragende verzekeraar) haar rechtsverhouding tot de wederpartij (hier: de polishouder) met medewerking van deze laatste aan een derde (hier: de verkrijgende verzekeraar) kan overdragen, bij een tussen haar en de derde opgemaakte akte. De overdracht van een verzekeringsportefeuille door een verzekeraar aan een andere verzekeraar met instemming van DNB op grond van §3.5.1a.1 Wft is in feite een contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW, waarbij de medewerking van de polishouders van de overdragende verzekeraar wordt vervangen door de instemming van DNB. Anders gezegd, de regeling van de portefeuilleoverdracht zoals beschreven in de Wft derogeert aan het vereiste van medewerking in de regeling van de contractsoverneming in art. 6:159 BW. Het vereiste van een akte geldt nog wel.
Ik beschrijf in hoofdstuk 3.2 op grond van welke bronnen ik aanneem dat er in geval van toepassing van de toezichtrechtelijke route van §3.5.1a.1 Wft sprake is van contractsoverneming in de zin van art. 6:159 BW en wat de gevolgen zijn van deze constatering.
Vervolgens bespreek ik in hoofdstuk 3.3 in welke gevallen het mogelijk is bij een portefeuilleoverdracht art. 6:159 BW toe te passen zonder de toezichtrechtelijke route te volgen.
Daarna onderzoek ik in hoofdstuk 3.4 aan de hand van literatuur en jurisprudentie over art. 6:159 BW wat er wel mee gaat bij een portefeuilleoverdracht en wat niet.
In hoofdstuk 3.5 onderzoek ik of we ervan uit kunnen gaan dat rechtsverhoudingen tussen levensverzekeraar en polishouder op grond van onrechtmatige daad, ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling overgaan bij een portefeuilleoverdracht met toepassing van art. 3:112 Wft.
In hoofdstuk 3.6 bespreek ik de juridische situatie met betrekking tot rechten en verplichtingen uit verzekeringen die tot de verzekeringsportefeuille hebben behoord bij een portefeuilleoverdracht, zowel in het geval van de civielrechtelijke route als de toezichtrechtelijke route.
Ten slotte bevat hoofdstuk 3.7 op basis van de uitkomsten van mijn onderzoek in de hoofdstukken 3.1 tot en met 3.6 een overzicht van de gezichtspunten die een schadeverzekeraar kan meewegen bij het kiezen tussen de toezichtrechtelijke route en de civielrechtelijke route.