Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/7.8.1.1
7.8.1.1 De aansprakelijkheid van participanten bij de Minnesota LLP, de New York LLP en de Delaware LLP
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS396766:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Minnesota Statutes 323A.0306(c) en N.Y. Partnership Law § 26(c).
RUPA 1997, Comment § 306.
In de literatuur is erop gewezen dat in het geval geen bepaling in de wet is opgenomen, unanimiteit van stemmen (de goedkeuring van alle vennoten) vereist is voor het opnemen, wijzigen of verwijderen van afspraken over de aansprakelijkheid. Zie: A.R. Bromberg en L.E. Ribstein (2005), 'On Limited Liability Partnerships, the Revised Uniform partnership Act, and the Uniform Limited Partnership Act 2001', New York: Aspen Publishers, § 3.05.
N.Y. Partnership Law § 26(d).
Delaware Code Title 6: § 15-306(c).
Delaware Code Title 6: § 15-306(e).
De staten Minnesota en New York waren de eerste twee staten die een full shield-aansprakelijkheid introduceerden voor de LLP.1 De LLP-regelingen boden de vennoten bescherming tegen alle verplichtingen en schulden van de vennootschap. Dit betekent dat een schuldeiser van de vennootschap geen recht heeft om een juridische procedure te beginnen tegen een vennoot persoonlijk, louter op basis van de hoedanigheid van vennoot. Daarnaast biedt een dergelijke LLP-regeling bescherming tegen de interne aansprakelijkheid, de verplichting tot bijdrage aan het verlies van de vennootschap. De staat Minnesota heeft uiteindelijk de bepalingen van de RUPA 1997 in haar LLP-wetgeving opgenomen, die vanaf 1 januari 2002 van kracht zijn. In de VS is het mogelijk de volledige, of een deel van de bescherming van alle of sommige vennoten, weg te contracteren. In sommige staten is dit expliciet in de wettelijke regeling opgenomen, in andere staten is een dergelijke bepaling achterwege gelaten. In de Minnesota LLP-regeling en de RUPA 1997 staan geen expliciete bepalingen die regelen dat de vennoten in de vennootschapsovereenkomst van de wettelijke regeling van de beperkte aansprakelijkheid kunnen afwijken. In de toelichting bij de RUPA 1997 staat wel dat contractuele privé-garanties en afspraken in de vennootschapsovereenkomst, die de beperkte aansprakelijkheid opzij zetten, de aansprakelijkheidsbescherming kunnen wijzigen.2 Dit lijkt erop te wijzen dat ook de vennoten van de Minnesota LLP vrij zijn te bepalen wat de gewenste invulling van de aansprakelijkheid is.3 In de LLP-regeling van New York staat expliciet in de wetgeving opgenomen dat in de vennootschapsovereenkomst kan worden afgeweken van de wettelijke beperking van aansprakelijkheid van vennoten indien een meerderheid van de vennoten heeft toegestemd, tenzij een andersluidende afspraak is opgenomen in de vennootschapsovereenkomst.4 Delaware heeft vanaf 1997 een full shield-aansprakelijkheid5 geïntroduceerd voor de LLP. De aansprakelijkheidsbepaling uit de Delaware Code is, net als de Minnesota LLP-regeling, gebaseerd op de bepalingen van de RUPA 1997. De Delaware LLP-regeling bevat echter wel een expliciete bepaling dat afwijking van de wettelijke aansprakelijkheidsbescherming kan worden overeengekomen tussen de vennoten, waardoor de Delaware LLPregeling aansluit bij de New Yorkse LLP-regeling.6 Onduidelijk is daarom welke reden ten grondslag ligt aan de verschillende beantwoording van de vraag naar de aansprakelijkheid bij de Delaware LLP aan de ene kant en de Minnesota LLP en de New York LLP aan de andere kant. Volgens het classificatiebesluit worden alle vennoten van de Delaware LLP beperkt aansprakelijk geacht, terwijl de vennoten van de Minnesota LLP en de New York LLP dit volgens het classificatiebesluit niet zijn. Dit zou betekenen dat de materiële werkelijkheid afwijkt van die van het classificatiebesluit. De verschillende aansprakelijkheidsregelingen van de LLP's uit Minnesota, New York en Delaware geven geen achtergrond aan de invulling van het aansprakelijkheidscriterium door staatssecretaris van Financiën.