Raad zonder raadgevers?
Einde inhoudsopgave
Raad zonder raadgevers? (SteR nr. 42) 2018/1.1:1.1 Inleiding
Raad zonder raadgevers? (SteR nr. 42) 2018/1.1
1.1 Inleiding
Documentgegevens:
drs. J.W.M.M.J. Hessels, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
drs. J.W.M.M.J. Hessels
- JCDI
JCDI:ADS576760:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art. 107 GemW. Stb. 2002/111; Kamerstukken II 2000/01, 27751.
Art. 33 lid 1 GemW. Oorspronkelijk in 1992 in de Gemeentewet gekomen vanwege het amendement Stoffelen/Van der Burg Kamerstukken II 1989/90, 19403, 32.
Art. 33 lid 1 GemW. Stb. 2002/111; Kamerstukken II 2000/01, 27751.
Art. 33 lid 2 GemW. Stb. 2002/111; Kamerstukken II 2000/01, 27751.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Verschillende wijzigingen van de Gemeentewet op rij hebben versterkingen willen aanbrengen in de inhoudelijke ondersteuning van de gemeenteraad, zijn fracties en zijn leden. Er kwam een griffie,1 het recht op ambtelijke bijstand werd ingevoerd2 en vervolgens verstevigd3 en er kwam een recht op fractieondersteuning.4 Dat is een goede zaak, maar hebben deze wetswijzigingen hun beoogde effect bereikt? Zijn deze ‘rechten’ wel afdoende in de wet- en regelgeving verankerd? Of kunnen we eerder spreken van een ‘Raad zonder raadgevers’?
Aan de vooravond van een raadsdebat in een klein stadje over een centrumplan, waar de gemeentelijke politiek al vijftien jaar over spreekt, meldt de oppositieleider zich bij de coördinerend ambtenaar. Enkele financiële stukken zijn immers conform het tweede lid van artikel 25 van de Gemeentewet onder geheimhouding ter inzage gelegd voor de raadsleden en dit raadslid wenst open daarover te kunnen debatteren, zonder de beperkingen van de geheimhouding. Zijn vraag: kan deze geheimhouding niet worden opgeheven?
De desbetreffende ambtenaar schat haar positie in en geeft het strikt feitelijke – niet politieke – antwoord: Jazeker, de raad kan conform het derde en vierde lid van artikel 25 van de Gemeentewet deze geheimhouding opheffen. De achtergrond van de opgelegde geheimhouding is echter niet de puur juridische reden, maar het feit dat in de stukken de marges vermeld zijn, waarbinnen het college wil onderhandelen over de aankoop van de benodigde gronden.
Tijdens de raadsvergadering vraagt de oppositieleider aan de wethouder of de geheimhouding kan worden opgeheven. ‘Nee’, zegt de wethouder, ‘dat kan niet.’ Hij baseert zich daarbij op de feitelijke situatie, dat hij daarmee al zijn kaarten open op tafel zou leggen. ‘Dat klopt niet’, repliceert het raadslid.
‘Uw eigen ambtenaar N.N. heeft mij vanmiddag nog verzekerd dat dat wel degelijk kan.’ Er ontspint zich een raadsdebat, waarbij uiteindelijk een stemming moet plaatsvinden over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op de stukken.
Als de burgemeester na middernacht thuiskomt, treft hij in zijn mailbox de ontslagmail van de besproken ambtenaar aan. Zij is er niet van gediend in het openbaar als speelbal van de politiek gebruikt te worden...
Het was deze ervaring, die mij – als burgemeester van de desbetreffende gemeente – er uiteindelijk toe aanzette onderzoek te gaan doen naar het onderwerp ‘Ambtelijke bijstand en fractieondersteuning aan de gemeenteraad na de invoering van de Wet dualisering gemeentebestuur’.
Griffiers, secretarissen en burgemeesters zeggen in eerste instantie bijna allemaal geen problemen te ondervinden bij het verwerken van aanvragen voor ambtelijke bijstand. Hetzelfde geldt voor de fractieondersteuning, ofschoon opvallend veel gemeenten deze laatste imperatieve wettelijke taak niet (meer) uitvoeren.
Bij doorvragen komen er echter altijd wel ervaringen en problemen rondom deze onderwerpen naar voren. Deze zijn meestal naar tevredenheid van alle partijen opgelost, maar soms zijn ze blijven steken in onduidelijke en niet goed doordachte lokale én nationale wet- en regelgeving. Het vinden van praktische oplossingen is dan het adagium en meestal werkt dit prima. Maar met vindingrijkheid van de betrokkenen is geen rechtszekerheid te garanderen.
Deze studie schetst aan de hand van een historische achtergrondbeschrijving, een uitgebreid onderzoek naar de wetsgeschiedenis, bestudering van de implementatie en evaluatie van de desbetreffende wetgeving en een enquête naar de toepassing en ervaringen in alle Nederlandse gemeenten, een beeld van de positie, die ambtelijke bijstand en fractieondersteuning innemen in de huidige gemeentelijke praktijk. Aan de hand van de ervaringen en de geconstateerde omissies, zullen voorstellen gedaan worden voor verbeteringen in de lokale en nationale wet- en regelgeving, zodat de inhoudelijke ondersteuning van de gemeenteraad en zijn leden optimaal kan plaatsvinden, terwijl de in de Wet verankerde (duale) verhoudingen gerespecteerd worden en gemeenteambtenaren niet terecht komen in een loyaliteitsspagaat.