Einde inhoudsopgave
RvdW 2020/737
Cassatieberoep tegen verlofverlening als bedoeld in art. 552p Sv prematuur.
HR 02-06-2020, ECLI:NL:HR:2020:987
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
2 juni 2020
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, A.L.J. van Strien, A.E.M. Röttgering
- Zaaknummer
19/02297
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS204948:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Internationaal strafrecht / Justitiële en politionele samenwerking
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:987, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 02‑06‑2020
ECLI:NL:HR:2020:134, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 28‑01‑2020
ECLI:NL:PHR:2019:1177, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑11‑2019
- Wetingang
Art. 23, 24, 445, 552p (oud) Sv
Essentie
Cassatieberoep tegen verlofverlening als bedoeld in art. 552p Sv prematuur.
Het cassatieberoep tegen het door de rechtbank (in een geheime procedure) verleende verlof als bedoeld in art. 552p Sv is te vroeg ingesteld, nu de rechtbank heeft bepaald dat toezending van de beschikking eerst plaats dient te vinden zodra het belang van het onderzoek dat toelaat, de cassatietermijn pas daarna gaat lopen en die toezending (nog) niet heeft plaatsgevonden.
Samenvatting
I.c. is sprake geweest van een geheime procedure op een vordering van de officier van justitie o.g.v. art. 552p (oud) Sv. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.