De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen
Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/2.3.6:2.3.6 Deskundigen in lagere, decentrale regelgeving
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/2.3.6
2.3.6 Deskundigen in lagere, decentrale regelgeving
Documentgegevens:
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS701880:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Naast wetten in formele zin en landelijke beleidsregels kan een aanspraak op nadeelcompensatie ook geregeld zijn in lagere, decerale regelgeving. Bekende voorbeelden daarvan op provinciaal niveau zijn de ‘Verordening nadeelcompensatie provincie Fryslân’ 1 en de ‘Regeling nadeelcompensatie provincie Limburg’.2 Op gemeentelijk niveau zijn dit de ‘Verordening nadeelcompensatie gemeente Leiden 2014’3 en de ‘Algemene Verordening Nadeelcompensatie Amsterdam’, en op het niveau van de waterschappen bijvoorbeeld de ‘Verordening nadeelcompensatie waterschap Scheldestromen’.4
De bevoegdheid om een dergelijke regeling vast te stellen ligt op gemeentelijk niveau bij de gemeenteraad (volgens art. 127 Gw jo. art. 147 jo. art. 149 Gemw) en op provinciaal niveau bij provinciale staten (volgens art. 127 Gw jo. art. 143 en 145 PW). Op het niveau van het waterschap komt de verordenende bevoegdheid toe aan het algemeen bestuur (volgens art. 133 lid 2 Gw jo. art. 56 en 78 Wschw).
2.3.6.1 De Algemene Verordening Nadeelcompensatie Amsterdam (AVN)2.3.6.2 Titel 4.5 Awb