Einde inhoudsopgave
Platformisering, algoritmisering en sociale bescherming (MSR nr. 78) 2021/9.3.1
9.3.1 Vakbondsvrijheid en collectief onderhandelen
Mijke Houwerzijl & Bas Rombouts, datum 01-05-2021
- Datum
01-05-2021
- Auteur
Mijke Houwerzijl & Bas Rombouts
- JCDI
JCDI:ADS288385:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
C087, zie vooral art. 2, 3 en 4.
C098 – Right to Organise and Collective Bargaining Convention, 1949 (No. 98), art. 1 en 2.
Deze vakbond was nauw betrokken bij de oprichting van http://faircrowd.work/, samen met Oostenrijkse en Zweedse vakbonden. Zie ILO 2021, p. 216. De website vergelijkt en beoordeelt de arbeidsomstandigheden van verschillende platforms, zoals de verschillende courtagepercentages. Ook hebben (Duitse en Oostenrijkse) crowdworkers toegang tot elementaire juridische informatie en advies. Interessant is ook het initiatief van onderzoekers om een code of good practices & principles voor crowdworkplatforms te operationaliseren. Zie: ‘Fairwork, Cloudwork Principles’ (ILO 2021, p. 247).
ILO 2021, p. 215: uit landenrapportages en ‘global surveys’ blijkt dat slechts 5% van de microtask crowdworkers en 1% van de freelance crowdworkers zich collectief georganiseerd heeft.
De Stefano & Aloisi 2019, p. 364.
Global Commission on the Future of Work 2019, p. 12.
ILO 2021, p. 212. Zie tevens hoofdstuk 7 voor de Europese en Nederlandse problematiek op dit vlak.
Irani en Silberman ontwikkelden als studenten voor werkers op het platform Amazon’s MTurk speciale feedbacksoftware om elkaar op de hoogte te stellen van oneerlijke en beledigende klanten. TurkOpticon, zoals de plug-in wordt genoemd, stelt hen in staat oneerlijke praktijken en beledigingen te melden en de snelheid van betaling te ‘raten’. Zie ILO 2021, p. 248, Prassl 2018, p. 150 en Cherry 2019, p. 60-61 (waar zij ook verwijst naar interessante initiatieven voor ‘platform co-ops’).
ILO 2019b, p. 31-32. Zie het mede door IG Metall geïnitieerde ombudsman-project: https://ombudsstelle.crowdwork-igmetall.de/en.html. Hier zijn tot en met 2019 zo’n 44 zaken tussen crowdworkers en platforms via Online Dispute Resolution (ODR) behandeld (ILO 2021, p. 247).
Rechten op vrijheid van (vak)vereniging en collectief onderhandelen worden beschouwd als de hoekstenen van ‘industrial democracy’ en waarborgen zeggenschap van werknemers- en werkgeversorganisaties bij het tot stand brengen van arbeidsvoorwaarden. In tegenstelling tot de overige fundamentele arbeidsnormen zijn deze rechten grotendeels procedureel van aard en kunnen zij de toegangspoort vormen voor het tot stand brengen van een groot aantal andere rechten, plichten en voorwaarden die de arbeidsrelatie beheersen. Het internationale normatieve kader is neergelegd in de twee meest bekende Conventies van de ILO: het Verdrag betreffende de vrijheid tot het oprichten van vakverenigingen en de bescherming van het vakverenigingsrecht (Conventie 87 uit 1948) en het Verdrag betreffende de toepassing van de beginselen van het recht zich te organiseren en collectief onderhandelen (Conventie 98 uit 1949).1 Conventie 87 beoogt de onafhankelijkheid van werkgevers- en werknemersorganisaties te waarborgen en bescherming te bieden tegen inmenging in deze organisaties door de overheid of overheidsinstanties.2 Conventie 98 is meer gericht op de relatie tussen het management van de onderneming en de werknemersverenigingen en verbiedt discriminatoire handelingen en inmenging in elkaars activiteiten en functioneren.3 Het gaat in beginsel om bescherming van de onafhankelijkheid van vakbonden en werkgeversorganisaties, wat wordt beschouwd als een kernvoorwaarde voor een effectief en democratisch system van collectieve arbeidsvoorwaardevorming.
Alhoewel er soms initiatieven worden genomen om crowdworkers te organiseren, zoals bijvoorbeeld door de Duitse vakbond IG Metall,4 zijn er significante obstakels voor deze onzichtbare werkers om op een effectieve manier hun rechten op vereniging en collectief onderhandelen uit te oefenen. Een probleem is dat crowdworkers vaak over de hele wereld verspreid zijn en hun collega’s over het algemeen helemaal niet kennen.5 Gezien de stevige concurrentie en het feit dat reputatie en ratings een belangrijke rol spelen bij het behouden en verkrijgen van (meer) werk, kan het zo zijn dat crowdworkers zich niet willen of durven organiseren.6 Het is volgens de aan het begin van paragraaf 9.2 geïntroduceerde Global Commission dan ook cruciaal om collectieve vertegenwoordiging van crowdworkers te bevorderen. Een aanbeveling van deze commissie aan vakbonden en ondernemers- en/of werkgeversorganisaties is om innovatieve manieren te gebruiken om de als zelfstandigen aangemerkte werkenden in de platformeconomie te bereiken en te betrekken bij collectieve arbeidsvoorwaardenvorming.7 Mededingingsrecht staat immers het collectief onderhandelen van zelfstandigen in hoge mate in de weg.8 Gelet op deze barrière voor een volwaardige uitoefening van het recht op collectief onderhandelen, worden initiatieven genomen zoals online fora en ‘worker-owned platform cooperatives’.9 Om een effectieve organisatie mogelijk te maken, zullen crowdworkers volgens de ILO een viertal hordes moeten nemen. Zij zullen het gemeenschappelijk belang moeten behartigen in plaats van slechts met elkaar te concurreren, één of meerdere (virtuele) ontmoetingsplaatsen moeten creëren, de wederpartij in het onderhandelingsproces moeten identificeren en daarna benaderen om daar hun collectieve claims in te dienen.10