Het akkoord
Einde inhoudsopgave
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/4.1:4.1 Algemeen
Het akkoord (O&R nr. 60) 2011/4.1
4.1 Algemeen
Documentgegevens:
Mr. A.D.W. Soedira, datum 25-02-2011
- Datum
25-02-2011
- Auteur
Mr. A.D.W. Soedira
- JCDI
JCDI:ADS444856:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de inhoud van een akkoord Soedira, 'De curator, een octopus', 1996, p. 219 e.v.
Ongelijke behandeling van schuldeisers wordt overigens binnen zekere grenzen geoorloofd geacht. Zie o.a. Rb. Utrecht 9 augustus 1989, NJ 1990, 399 (Breevast). Zie meer over de paritas creditorum verderop in dit hoofdstuk.
Rb. Amsterdam 8 november 1938, NJ 1938,1138.
In dezelfde zin Molengraaff, p. 479, Leuftink, p. 257 en Wessels, Insolventierecht VI, par. 6010. Zie echter Rb. Utrecht 9 augustus 1989, NJ 1990, 399 (Breevast).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De wet geeft geen regels over de inhoud1 van het akkoord. Over de mogelijke inhoud van een akkoord wordt in een aantal artikelen slechts enige aanwijzingen gegeven. Zo wordt in art. 50 Fw bijvoorbeeld gewag gemaakt van een akkoord dat boedelafstand inhoudt en in art. 171 Fw wordt gerefereerd aan het percentage-akkoord. Verder laat de wet zich niet nader uit over vorm en inhoud van het akkoord, zij het dat het akkoord wel dient te voldoen aan een aantal vereisten zoals geformuleerd in art. 153 Fw.2 Een daarvan is dat een aangenomen akkoord dient te worden gehomologeerd door de rechter. Alleen met diens goedkeuring krijgt het akkoord zijn werking.3 In art. 153 Fw worden door de wetgever de grenzen aangegeven waaraan een akkoord in ieder geval dient te voldoen. Op grond van art. 153 lid 2 Fw is de rechter in een drietal gevallen verplicht de homologatie van een akkoord te weigeren. Het is aan het oordeel van de rechter overgelaten of het voorliggende akkoord redelijk en billijk is en of de belangen van de concurrente schuldeisers in het akkoord voldoende zijn gewaarborgd.
Afgezien van art. 153 Fw heeft de wetgever de inhoud van het akkoord in beginsel vrij gelaten. Niettemin zijn de betrokken partijen bij het akkoord gebonden aan een aantal algemene beginselen. Zo kan bij een akkoord niet van bepalingen van dwingend recht worden afgeweken.4 Voorts geldt voor het akkoord dat de paritas creditorum - één van de hoofdbeginselen van het faillissementsrecht - dient te worden geëerbiedigd.5 Buiten deze minimale beperkingen kan het akkoord in beginsel allerlei afspraken bevatten, zolang het naar het oordeel van de rechter niet 'onbillijk' is te achten. Dit laatste is ook terug te vinden in een uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 8 november 1938:6
"Het akkoord kan iedere denkbare wijze van buitengerechtelijke bevrediging der schuldeisers inhouden, welke in concreto naar 's rechters oordeel niet onbillijk is te achten."7
Dat een akkoord als een overeenkomst kan worden beschouwd, is uiteengezet in het voorgaande hoofdstuk. In beginsel zijn partijen vrij om iedere overeenkomst met elkaar aan te gaan die zij wensen, zolang de inhoud niet strijdig is met de wet, openbare orde of goede zeden.8 Een van de uitgangspunten van het contractenrecht is immers de contractsvrijheid. Nu het akkoord kan worden gezien als een overeenkomst geldt dit beginsel derhalve ook voor de inhoud van het akkoord. Voor de praktijk betekent de contractsvrijheid dat het akkoord veel varianten kent. In het navolgende wordt een overzicht gegeven van akkoorden die in de praktijk het meest voorkomen. Aan de hand van de te bespreken akkoorden zullen onder meer de vragen aan de orde komen of bij een akkoord sprake kan zijn van een afgescheiden vermogen en of in een akkoord een privatieve last kan worden opgenomen.
Benadrukt dient te worden dat niet kan worden gesproken van 'het percentage-akkoord' of 'het liquidatie-akkoord'. Voor beide varianten geldt immers dat ze noch een vaste vorm hebben noch dat ze qua inhoud wettelijk zijn geregeld. Dat de in de praktijk gebruikte akkoorden hier nochtans worden gegroepeerd, is om meer grip te kunnen krijgen op het antwoord op de vraag wat de mogelijke inhoud van een akkoord kan en mag zijn.