Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen
Einde inhoudsopgave
Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen (O&R nr. 80) 2014/5.6.4.2:5.6.4.2 De wettelijke regeling van het verweer bij de verschillende prestaties
Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen (O&R nr. 80) 2014/5.6.4.2
5.6.4.2 De wettelijke regeling van het verweer bij de verschillende prestaties
Documentgegevens:
mr. S.R. Damminga, datum 07-11-2013
- Datum
07-11-2013
- Auteur
mr. S.R. Damminga
- JCDI
JCDI:ADS498824:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overige verbintenissen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De regeling van het verweer in het Burgerlijk Wetboek heeft alleen betrekking op goederen die in waarde zijn verminderd of zelfs helemaal teniet zijn gegaan. Op de ontvanger rust de verbintenis om het goed terug te geven in de staat waarin hij het heeft ontvangen. Als de ontvanger het goed beschadigd teruggeeft, of als het goed teniet is gegaan, schiet hij tekort in de nakoming van deze verbintenis. Vaak is nakoming van de verbintenis tot teruggave ook onmogelijk geworden. Een schuldenaar die tekortschiet, is volgens artikel 6:74 verplicht om de schade die daardoor ontstaat te vergoeden. Daarvoor vereist artikel 6:75 dat de tekortkoming toerekenbaar is. Artikel 6:204 bepaalt echter dat een ontvanger niet toerekenbaar is tekortgeschoten wanneer hij onzorgvuldig is omgegaan met het goed op een moment waarop hij geen rekening hoefde te houden met een verbintenis tot teruggave. Artikel 6:204 voorkomt op deze manier dat de ontvanger verplicht wordt om schade te vergoeden. De schade wordt, conform de ratio van het verweer, gedragen door degene die zonder rechtsgrond heeft betaald.
Verder kent artikel 6:207 de ontvanger van het goed binnen de grenzen van de redelijkheid een vergoeding toe voor uitgaven die zouden zijn uitgebleven als hij het goed niet had ontvangen en hij ook geen rekening hoefde te houden met een verplichting tot teruggave. In de parlementaire geschiedenis is vooral gedacht aan kosten die zijn gemaakt voor onderhoud van het ontvangen goed.