Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer
Einde inhoudsopgave
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/13.4.2.2:13.4.2.2 De terbeschikkingstellingsregeling
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/13.4.2.2
13.4.2.2 De terbeschikkingstellingsregeling
Documentgegevens:
Mr. dr. A.E. de Leeuw, datum 29-02-2020
- Datum
29-02-2020
- Auteur
Mr. dr. A.E. de Leeuw
- JCDI
JCDI:ADS232942:1
- Vakgebied(en)
Vermogensbelasting (V)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 3.91 lid 1 sub a en b Wet IB 2001.
Zie artikel 3.92 lid 1 Wet IB 2001. Een meegetrokken aanmerkelijk belang in de zin van artikel 4.10 Wet IB 2001 of een fictief aanmerkelijk belang op grond van artikel 4.11 Wet IB 2001 wordt niet in aanmerking genomen.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De terbeschikkingstellingsregeling is primair van toepassing op het, kort gezegd, rendabel maken van vermogensbestanddelen door deze ter beschikking te stellen aan (een samenwerkingsverband van) een verbonden persoon, althans indien bij die persoon sprake is van belastbare winst uit onderneming of resultaat uit overige werkzaamheden1, of aan (een samenwerkingsverband van) een vennootschap waarin de terbeschikkingsteller of een met hem verbonden persoon een aanmerkelijk belang heeft.2
Indien ter beschikking gesteld vermogen gecertificeerd wordt, rijst de vraag of sprake blijft van ter beschikking gesteld vermogen, of dat de certificering leidt tot staking van de terbeschikkingstelling. Of, anders benaderd, men kan zich afvragen of certificering tot gevolg kan hebben dat vermogen, dat aan een in voornoemde zin aan de certificaathouder gelieerde persoon ter beschikking wordt gesteld, buiten het bereik van de terbeschikkingstellingsregeling blijft. Gezien de ruime formulering van de definitie van ter beschikking stellen, “al dan niet tegen vergoeding rechtens dan wel in feite direct of indirect”, valt het ter beschikking stellen van vermogen aan een gelieerde partij via de STAK ook binnen het bereik van de terbeschikkingstellingsregeling. Dit is mijns inziens niet slechts het geval indien de certificaathouder economisch eigenaar van het gecertificeerde vermogen is, maar ook indien zijn economische belang bij dit vermogen geringer is dan het volledige economische belang. De terbeschikkingstellingsregeling is dermate ruim, dat ook de terbeschikkingstelling van vermogensbestanddelen, waarvan men niet het gehele economisch belang heeft, daar onder kan vallen.