Einde inhoudsopgave
RvdW 2019/956
Vrij verkeer van werknemers. Beperkingen. Inleiding van een schuldsaneringsprocedure. Woonplaatsvereiste. Toelaatbaarheid. Rechtstreekse werking.
HvJ EU 11-07-2019, ECLI:EU:C:2019:598 (A)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
11 juli 2019
- Magistraten
M. Vilaras, K. Jürimäe, D. Šváby, N. Piçarra
- Zaaknummer
C-716/17
- Conclusie
A-G M. Szpunar
- Roepnaam
A
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2019:598, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 11‑07‑2019
ECLI:EU:C:2019:262, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 27‑03‑2019
- Wetingang
Art. 45 VWEU
Essentie
A.
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Østre Landsret (rechter in tweede aanleg voor het Oosten van Denemarken) bij beslissing van 19 december 2017 Vrij verkeer van werknemers. Beperkingen. Inleiding van een schuldsaneringsprocedure. Woonplaatsvereiste. Toelaatbaarheid. Rechtstreekse werking.
1. Artikel 45 VWEU dient aldus te worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een in de regeling van een lidstaat opgenomen regel inzake rechterlijke bevoegdheid, zoals die welke aan de orde is in het hoofdgeding, die de toekenning van een schuldsaneringsmaatregel onderwerpt aan de voorwaarde dat de schuldenaar zijn woon- of verblijfplaats heeft in die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.