Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker
Einde inhoudsopgave
Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker (R&P nr. CA18) 2018/6.6.1:6.6.1 Inleidende opmerkingen
Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker (R&P nr. CA18) 2018/6.6.1
6.6.1 Inleidende opmerkingen
Documentgegevens:
mr. A. Kolder, datum 16-03-2018
- Datum
16-03-2018
- Auteur
mr. A. Kolder
- JCDI
JCDI:ADS299223:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een kritische analyse van de keuze van de wetgever voor de term ‘bedrijf’ ter aanduiding van de ex art. 6:181 aansprakelijke (rechts)persoon, leert dat deze aansprakelijkheid geenszins beperkt is tot degene die ‘typische’ bedrijfsactiviteiten verricht. Ook het beroep, de overheid en andersoortige organisaties als ziekenhuizen, onderwijsinstellingen, verenigingen en stichtingen kunnen onder het bereik van art. 6:181 vallen. Dat deze kwalitatieve aansprakelijkheid zodoende betrekking heeft op een brede groep deelnemers aan het maatschappelijke verkeer, past bij een bredere beschouwing van het bedrijfsbegrip van art. 6:181. Deze aansprakelijkheid heeft namelijk een zekere band met een drietal andere kwalitatieve aansprakelijkheden, te weten die van art. 6:170 (ondergeschikten), art. 6:185 e.v. (gebrekkige producten) en art. 6:175 (gevaarlijke stoffen). De hoedanigheid van degene die op basis van deze drie regelingen kwalitatief aansprakelijk kan zijn, is inmiddels wel al nagenoeg uitgekristalliseerd. Dat is van belang wanneer art. 6:181 niet geïso leerd wordt gelezen maar met aandacht voor de samenhang die hij vertoont met de art. 6:170, 185 e.v. en 175. Wie op grond van dit drietal aan art. 6:181 verwante bepalingen als aansprakelijke heeft te gelden, kan dan ook tot inspiratie dienen ter bepaling van degene die op grond van art. 6:181 aansprakelijk behoort te zijn. In het navolgende sta ik stil bij de door de art. 6:170, 185 e.v. en 175 aangewezen aansprakelijke (rechts)personen.