Privacyrecht is code
Einde inhoudsopgave
Privacyrecht is code (R&P nr. ICT1) 2010/2.4.0:2.4.0 Introductie
Privacyrecht is code (R&P nr. ICT1) 2010/2.4.0
2.4.0 Introductie
Documentgegevens:
drs. J.J.F.M. Borking, datum 26-05-2010
- Datum
26-05-2010
- Auteur
drs. J.J.F.M. Borking
- JCDI
JCDI:ADS582439:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Borking & Raab, 2001, p. 2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De vijf universele privacybeginselen zijn uitgewerkt in wet- en regelgeving over de bescherming en verwerking van persoonsgegevens.1 Deze uitwerking leidt tot een aantal privacyrealisatiebeginselen, waarbij afhankelijk van het rechtssysteem de uitwerking en reikwijdte van de universele privacybeginselen verschillend kan uitvallen. De privacyrealisatiebeginselen hebben ten doel het individu in staat te stellen om controle uit te oefenen over zijn persoonsgegevens ongeacht de technologische omgeving. Daarmee wordt zijn vertrouwen in de verwerking vergroot. De privacyrealisatiebeginselen bieden aan derden de mogelijkheid te toetsen of de bescherming van de persoonlijke informatie en daarmee de informationele privacy voldoende is gewaarborgd. Bovendien kan vanuit deze realisatiebeginselen het spiegelbeeld worden afgeleid, namelijk de te vervullen verplichtingen door degenen die de persoonlijke informatie verzamelen, verwerken en verspreiden. Deze beginselen kunnen, zoals in hoofdstuk 6 zal worden aangetoond, in informatiesystemen in de gegevensverwerkingsprocessen worden ingebouwd. De privacyrealisatiebeginselen liggen dan ook aan de basis van de Europese wet- en regelgeving betreffende de bescherming van persoonsgegevens.