Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/2.4.4.1
2.4.4.1 Inleiding
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649736:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019, nr. 71; Van der Heijden/Van der Grinten/Dortmond 2013, nr. 345; Kollen 2007, p. 380.
Kamphuisen 1955, p. 210. Zie ook Dumoulin 2003, p. 54 en p. 56. Vaak bevat de agenda ‘slechts’ het onderwerp en staat in de toelichting op de agenda het voorstel. Zie over hoe de toelichting zich verhoudt ten opzichte van het agendapunt par. 2.2.3.
Behoudens de daar genoemde helingsfaciliteit. Zie ook Dumoulin 2003, p. 56.
Van Zeben, Belinfante & Van Ewijk 1962, p. 430.
Van der Heijden/Van der Grinten/Dortmond 2013, nr. 345.
Van Solinge 1994, p. 47.
Ontleend aan Kamphuisen 1955, p. 210. Kamphuisen acht dit nieuwe voorstel overigens toelaatbaar omdat in art. 43g WvK (thans art. 2:114/224 BW lid 1 BW) de term ‘onderwerp’ en niet ‘voorstel’ wordt gebezigd. Mijns inziens miskent hij daarmee Meijers’ uitleg in de parlementaire geschiedenis.
Dumoulin 2003, p. 56; Dumoulin 1999, p. 217-225. Zie ook Van der Heijden/Van der Grinten 1955, nr. 209; Okma 1932, p. 257 en Rb. Amsterdam 22 maart 1935, NJ 1936, 327. Zie ook KB 16 september 1976, NV 1977, p. 14 (Douwe Egberts).
Tenzij het is genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin het gehele geplaatste kapitaal vertegenwoordigd is (NV), of alle vergadergerechtigden met de besluitvorming hebben ingestemd en de bestuurders en commissarissen voorafgaand aan de besluitvorming in de gelegenheid zijn gesteld om advies uit te brengen (BV).
Asser/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-IIb 2019, nr. 71.
Kamphuisen 1955, p. 210; Grosheide 1957, p. 74-78.
Zie ook Dumoulin 1999, p. 221. Zijn standpunt dat het in zijn algemeenheid is toegestaan om over beide onderwerpen afzonderlijk te stemmen, moet met inachtneming van het hierna volgende worden genuanceerd.
Met een amendement wordt bedoeld een wijziging van een voorstel waarop beslist of besloten moet worden, zonder dat het voorstel een wezenlijk ander voorstel wordt.1 Dat het voorstel geen wezenlijk ander voorstel mag worden, wil in de eerste plaats zeggen dat het geamendeerde voorstel hetzelfde onderwerp dient te betreffen als het in de agenda opgenomen onderwerp.2 Wordt buiten het geagendeerde onderwerp getreden, dan is het genomen besluit vernietigbaar op grond van art. 2:114/224 lid 2 BW.3 Voorts mag, eveneens op straffe van vernietigbaarheid van het besluit, de wijziging van het voorstel niet zover gaan dat ten aanzien van het geagendeerde onderwerp in feite een geheel nieuw voorstel wordt gedaan. Ik citeer Meijers:
“Geheel nieuwe voorstellen (...) kunnen niet in stemming worden gebracht, ook al worden zij in de vorm van een amendement ter vergadering ingediend.”4
De grens tussen geamendeerde voorstellen en nieuwe voorstellen is lastig te trekken. Dortmond noemt als voorbeeld van een amendement de wijziging die een bepaling in het voorstel tot statutenwijziging aanpast aan recente wetgeving.5 Van Solinge noemt het amendement waarbij een voorstel tot delegatie van de emissiebevoegdheid in duur en omvang wordt teruggebracht.6 Een voorbeeld van een ‘amendement’ dat in feite een nieuw voorstel is: het voorstel om een deel van de winst uit te keren dat wordt gewijzigd in het voorstel om een groter of kleiner deel van de winst te reserveren.7 Ondanks dat beide voorstellen onder het onderwerp ‘Bestemming van de winst’ kunnen worden geschaard, verschilt de uitkomst (bij aanname) zodanig dat hier sprake is van twee wezenlijk van elkaar verschillende voorstellen. In algemene zin is niet aan te geven wanneer een amendement in feite een nieuw voorstel is. Waar het om gaat is wat een redelijk denkende vergadergerechtigde bij lezing van de agenda mag verwachten.8 Om terug te komen op het gegeven voorbeeld: degene die in de agenda leest dat het voorstel is winst uit te keren, hoeft niet te verwachten dat in plaats daarvan ter vergadering wordt gestemd over een voorstel een groter of kleiner deel van de winst te reserveren. Wordt het voorstel om winst uit te keren ‘geamendeerd’ in een voorstel de winst te reserveren en wordt dat laatste voorstel aangenomen, dan is het besluit vernietigbaar op grond van art. 2:15 lid 1 sub a jo art. 2:114/224 lid 2 BW.9 Er is immers een niet geagendeerd besluit genomen.10 Is echter in de agenda of de toelichting daarop geen voorstel genoemd, maar slechts het onderwerp ‘Bestemming van de winst’, dan kunnen beide voorstellen leiden tot een onvernietigbaar besluit.
In geval van amendering ter vergadering komt de voorzitter een ruime bevoegdheid toe om te beoordelen of sprake is van een amenderingsvoorstel of een nieuw voorstel.11 Zie over de rol van de voorzitter bij amendering ter vergadering par. 2.4.4.4.
Amendering van bespreekpunten is, gezien hun aard, niet mogelijk. Een bespreekpunt behelst geen voorstel (voor een besluit of een beslissing). Het verstrekken van een aanvullende toelichting op een besluit- of beslispunt kan feitelijk een amendering van het voorliggende voorstel zijn. Zie over aanvullende toelichtingen op agendapunten par. 2.2.3.2. Verder is van belang dat onder de noemer ‘amendering’ ook de splitsing van een agendapunt valt. Splitsing doet zich bijvoorbeeld voor als het besluitpunt waarin zowel de stemming over de uitgifte van aandelen, als de stemming over de uitsluiting van het voorkeursrecht is gegoten, wordt opgeknipt in twee afzonderlijke besluitpunten.12 In par. 2.4.4.1 tot en met par. 2.4.4.4 behandel ik amendering in het algemeen. Voor beursvennootschappen gelden afwijkende regels. Daarover gaat par. 2.4.4.5.