Generale zekerheidsrechten in rechtshistorisch perspectief
Einde inhoudsopgave
Generale zekerheidsrechten in rechtshistorisch perspectief (O&R nr. 86) 2015/8.3.5.2:8.3.5.2 De erkenning van de levering constituto possessorio bij voorbaat in het Sio-arrest
Generale zekerheidsrechten in rechtshistorisch perspectief (O&R nr. 86) 2015/8.3.5.2
8.3.5.2 De erkenning van de levering constituto possessorio bij voorbaat in het Sio-arrest
Documentgegevens:
mr. V.J.M. van Hoof, datum 01-06-2015
- Datum
01-06-2015
- Auteur
mr. V.J.M. van Hoof
- JCDI
JCDI:ADS412262:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Rechtsgeschiedenis
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 22 mei 1953, NJ 1954/189 (Sio/De Jong) m.nt. J. Drion. Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat in het geval van een dubbele levering constituto possessorio degene aan wie het eerste constituto possessorio was geleverd, eigendom van de zaak verkreeg.
Zie voor een overzicht van de interpretaties van dit arrest: Veenhoven 1955, p. 51 e.v. en Peter 2007, p. 73.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Hoge Raad heeft zich in het Sio-arrest uitgelaten over de geldigheid van een zekerheidsoverdracht met levering constituto possessorio bij voorbaat, oftewel een geanticipeerde levering constituto possessorio.1 In deze zaak waren partijen overeengekomen dat de schuldenaar ‘alle machinerieën en voorraden’ welke zich in het bedrijf bevonden en nadien in het bedrijf zouden komen tot zekerheid zou overdragen. De Hoge Raad oordeelde dat de na de initiële zekerheidsoverdracht verkregen zaken ook zekerheidseigendom waren geworden van de schuldeiser. Hij liet de motivering van het Hof in stand die inhield dat eigendom niet enkel door de overeenkomst was overgegaan op de schuldeiser, maar mede door de vaststelling dat de schuldenaar na zijn verkrijging de wil had gehad om de zaak te houden voor de zekerheidseigenaar. Daarvoor was niet vereist dat de schuldenaar na zijn verkrijging nogmaals een wilsverklaring aflegde. De Hoge Raad lijkt in dit arrest slechts zakelijke binding van de wilsverklaring te aanvaarden, voor zover van een contraire wil (en/of wilsverklaring) niet was gebleken.2