De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie
Einde inhoudsopgave
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/5.6.9:5.6.9 Misbruik
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/5.6.9
5.6.9 Misbruik
Documentgegevens:
mr. F.G. Laagland, datum 15-07-2013
- Datum
15-07-2013
- Auteur
mr. F.G. Laagland
- JCDI
JCDI:ADS388604:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De misbruikbepaling van art. 16 lid 7 Tiende Richting is niet in het Belgische recht geïmplementeerd. De Nationale Arbeidsraad en de Centrale Raad voor het Beroep merkten in hun gezamenlijke advies op dat de vennootschap maatregelen zou moeten nemen de medezeggenschapsrechten van werknemers te beschermen door art. 16 Tiende Richtlijn overeenkomstig toe te passen bij een binnenlandse fusie binnen drie jaar.1 Het is opmerkelijk dat voor de implementatie van art. 16 lid 7 Tiende Richtlijn wordt volstaan met een (onafdwingbaar) verzoek aan de vennootschappen. Uit de notulen van een vergadering van de voorbereidende commissie – de gemengde commissie Europese Vennootschap – blijkt dat dit daadwerkelijk zo is bedoeld.2 Als gevolg hiervan staat het Belgische recht toe dat een Belgische uit de fusie ontstane vennootschap binnen drie jaar na de grensoverschrijdende fusie een interne fusie aangaat en op die wijze een eventueel medezeggenschapssysteem kan uitschakelen. Dit biedt vennootschappen een effectief middel om de medezeggenschap in te perken en het doel van art. 16 Tiende Richtlijn te omzeilen. Het verdient aanbeveling dat de Nationale Arbeidsraad alsnog tot implementatie van art. 16 lid 7 Tiende Richtlijn overgaat.