Einde inhoudsopgave
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/5.6.1
5.6.1 Implementatiewetgeving
mr. F.G. Laagland, datum 15-07-2013
- Datum
15-07-2013
- Auteur
mr. F.G. Laagland
- JCDI
JCDI:ADS389776:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Wet houdende diverse bepalingen van 8 juni 2008 (I), Stb. 16 juni 2008, p. 30529. De bepalingen van titel Vbis zijn in werking getreden op 26 juni 2008.
De Nationale Arbeidsraad is een publiekrechtelijke lichaam dat is opgericht bij wet van 29 mei 1952, B.S. 31 mei 1952. De Nationale Arbeidsraad bestaat uit een onafhankelijke voorzitter en 26 leden die voor een gelijk deel worden ingevuld door de representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties. Naast een adviserende taak sluit de Nationale Arbeidsraad cao’s van nationale en interprofessionele draagwijdte.
Deze bepaling moet worden gelezen in het licht van art. 153 lid 3 VWEU waarin is bepaald dat ‘een lidstaat de sociale partners kan, indien zij gezamenlijk daarom verzoeken, belasten met de tenuitvoerlegging van de krachtens de leden 2 en 3 vastgestelde richtlijnen’.
Dit geldt sowieso voor de bepalingen uit de SE-Richtlijn die ingevolge art. 16 lid 3 Tiende Richtlijn van overeenkomstige toepassing zijn op een grensoverschrijdende fusie. In het verlengde daarvan kan worden aangenomen dat de sociale partners deze bevoegdheid eveneens hebben ten aanzien van de overige leden van art. 16 Tiende Richtlijn.
Implementatie kan ook plaatsvinden door middel van een cao die geldt voor groepen werknemers die niet zijn aangesloten bij de vakbond die partij is bij de cao. Zie HvJ EU 11 februari 2010, nr. C-405/ 08, JAR 2010/73 (Holst/Babcock & Wilcox Vølund ApS).
Cao nr. 94 van 29 april 2008 betreffende werknemersmedezeggenschap in de uit de grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen ontstane vennootschappen, algemeen verbindend verklaard bij Koninklijk Besluit van 12 juni 2008, B.S. 2 juli 2008, p. 33628.
NAR & CRB (2008b), p. 3.
Wet van 19 juni 2009 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende het medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen (I), B.S. 29 juni 2009.
Wet van 19 juni 2009 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende het medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen (II), B.S. 29 juni 2009.
Koninklijk Besluit van 1 februari 2010 tot uitvoering van art. 8 van de wet van 19 juni 2009 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen, B.S. 11 februari 2010.
De Belgische wetgever ontving op 5 juni 2008 een met redenen omkleed advies van de Europese Commissie wegens het niet tijdig uitvoeren van de verplichting tot implementatie van de Tiende Richtlijn. De Commissie dreigde met een procedure bij het Hof van Justitie indien België niet binnen twee maanden tot omzetting zou overgaan. Een procedure is niet nodig gebleken. De vennootschappelijke aspecten van de Tiende Richtlijn zijn geïmplementeerd met de Wet houdende diverse bepalingen van 8 juni 2008 (I).1 Met deze wet – meer specifiek titel VIII hoofdstuk III – is aan Boek XI van het Wetboek van Vennootschappen (W.Venn.) een nieuwe titel Vbis toegevoegd genaamd ‘bijzondere regels inzake grensoverschrijdende fusies en gelijkgestelde verrichtingen’.
De medezeggenschapsbepaling van art. 16 Tiende Richtlijn is grotendeels door de sociale partners bij nationale cao geïmplementeerd. Cao nr. 94 is op 29 april 2008 in de Nationale Arbeidsraad gesloten.2 Art. 14 SE-Richtlijn maakt het mogelijk de omzetting van de medezeggenschapsbepalingen uit de SE-Richtlijn aan de sociale partners over te laten.3 Hoewel de Tiende Richtlijn deze bepaling niet expliciet van overeenkomstige toepassing verklaart, kan men aannemen dat deze bevoegdheid ook bestaat ten aanzien van de omzetting van art. 16.4 De omzetting door sociale partners kent als voorwaarde dat de lidstaat zich ervan verzekert dat de implementatie gebeurt binnen de uitvoeringstermijn van de desbetreffende richtlijn en dat de betrokken lidstaat alle maatregelen treft om de resultaten te waarborgen die de richtlijn voorschrijft. Het resultaat moet alle werknemers bereiken.5 Dit gebeurt binnen het Belgische systeem door een nationale cao algemeen verbindend te verklaren. Cao nr. 94 is algemeen verbindend verklaard bij Koninklijk Besluit van 12 juni 2008.6
Bepaalde medezeggenschapsaspecten konden niet bij cao worden geregeld. Dit gold voor de toepasselijke wetgeving bij conflicten, de geheimhoudingsplicht, het toezicht op de naleving van de verplichtingen door de vennootschappen en de bescherming van werknemersvertegenwoordigers.7 Deze aspecten zijn door de Belgische wetgever via twee afzonderlijke wetten en een uitvoeringsbesluit geïmplementeerd. Het betreft (i) de Wet houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen van 19 juni 2009 (Wet houdende diverse maatregelen),8 (ii) de Wet houdende diverse bepalingen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen van 19 juni 2009 (Wet houdende diverse bepalingen)9 en (iii) het Koninklijk Besluit van 1 februari 2010 tot uitvoering van artikel 8 van de wet van 19 juni 2009 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de medezeggenschap van de werknemers in ondernemingen ontstaan ten gevolge van een grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen (KB houdende begeleidende maatregelen).10