Arbeidsrecht en insolventie
Einde inhoudsopgave
Arbeidsrecht en insolventie (MSR nr. 75) 2019/8.3.1:8.3.1 Inleiding
Arbeidsrecht en insolventie (MSR nr. 75) 2019/8.3.1
8.3.1 Inleiding
Documentgegevens:
Mr. J. van der Pijl, datum 01-11-2018
- Datum
01-11-2018
- Auteur
Mr. J. van der Pijl
- JCDI
JCDI:ADS297517:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Insolventierecht / Faillissement
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Tijdens surseance, zo mag nog altijd worden aangenomen, is de WOR onverkort van toepassing, nu dit expliciet is overwogen door de Hoge Raad in zijn YVC IJsselwerf-arrest.
Hof Amsterdam 26 mei 2016, JOR 2016/286, m.nt. Schaink, JAR 2016/160, m.nt. Loesberg.
HR 2 juni 2017, JAR 2017/172, m.nt. Nekman, JOR 2017/248, m.nt. Kortmann.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Waar van een status quo mag worden gesproken, in ieder geval in de jurisprudentie, als het gaat om de vraag of er voorafgaand aan surseance of faillissement een rol voor de OR bij het in gang zetten van de betreffende insolventieprocedure is weggelegd (het betrekkelijk breed (zij het niet door mij) gedragen antwoord op deze vraag luidt: neen), is de discussie aangaande de vraag of de WOR ook onverkort van toepassing is tijdens faillissement vrij hevig in beweging gebracht.1 Tot voor kort werd algemeen aangenomen dat het antwoord op die vraag bevestigend luidde, maar de Ondernemingskamer heeft in 2016 een steen in de tot op dat moment rimpelloze vijver gegooid met zijn zgn. DA-beschikking.2 De Hoge Raad heeft de beschikking inmiddels vernietigd.3 Aan de hand van deze uitspraak zal onderzocht worden in hoeverre een curator gebonden is aan de regels uit de WOR. Bij wijze van inleiding wordt daaraan voorafgaand nagegaan of de curator op een lijn kan worden gesteld met de ondernemer buiten faillissement. Of bestaan er verschillen tussen hun beider rol ten opzichte van de OR?