Einde inhoudsopgave
De cyberverzekering vanuit civielrechtelijk perspectief (O&R nr. 129) 2021/V.5.3.2
V.5.3.2 Gebruikte middelen: wapens en militaire machtsmiddelen
mr. N.M. Brouwer, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. N.M. Brouwer
- JCDI
JCDI:ADS278792:1
- Vakgebied(en)
Informatierecht / ICT
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijv. Tallinn Manual 2.0, rule 103(1); Robinson 2015, p. 80 en 85-87; Th. Rid & P. McBurney, ‘Cyber-Weapons’, The RUSI Journal 2012/157:1, p. 6-13.
Zo wordt onder gewapend geweld bijvoorbeeld ook verstaan het gebruik van biologische, chemische en nucleaire wapens. Vgl. International Court of Justice, ‘Legality of the threat or use of nuclear weapons’, Advisory Opinion 8 juli 1996, I.C.J. 226, 244.
Sanders 2018, p. 513.
Rid & McBurney 2012.
Voorbeelden daarvan zijn NotPetya en Stuxnet, die beide waren ontworpen met het enkele doel om op onomkeerbare wijze schade aan te richten. In de Tallinn Manual 2.0 is Stuxnet unaniem aangemerkt als een ‘use of force’. Over de kwalificatie ‘armed attack’ werden de geleerden het echter niet eens. Zie Tallinn Manual 2.0, p. 342. Vgl. verder bijv. Cybersecuritybeeld Nederland 2018, p. 15 en M. Hijink, ‘Het succes van Stuxnet’, NRC Handelsblad 13 oktober 2010.
Naast de knelpunten rondom daderschap, doelwit en intentie, is ook de interpretatie van de gebruikte middelen bij een cyberaanval een onderwerp van discussie.1 In de huidige definitie van molest (zie paragraaf 2) is het gebruik van wapens en/of militaire machtsmiddelen een belangrijk criterium.
In een cybercontext is het echter moeilijk te bepalen wanneer sprake is van ‘gewapend’ geweld. Op zichzelf wordt het wapenbegrip in het VN Handvest ruim geïnterpreteerd en zou een digitaal middel dus als wapen kunnen worden aangemerkt.2 Aan welke criteria een middel moet voldoen om als wapen te gelden, staat echter geenszins vast.3 In de literatuur wordt opgemerkt dat indien digitale middelen, zoals stukjes code en scripts, de potentie hebben om schade toe te brengen en ook met dat doel worden ingezet, zij als wapen kunnen worden aangemerkt.4 Het ontwerp van het middel en de intentie van de dader zijn dus bepalende factoren.5 Een eenduidig antwoord op de vraag of en wanneer een digitaal middel een wapen is, is evenwel niet te geven. Dit zal afhangen van de omstandigheden van het geval.
Bovendien is het bij digitale middelen de vraag wanneer sprake is van militaire machtsmiddelen. In traditionele situaties is de beschikbaarheid van bepaalde wapens die maatschappelijk ontwrichtende schade kunnen toebrengen in de regel voorbehouden aan staten. Digitale middelen staan ook hackergroeperingen en – in theorie – zelfs individuen ter beschikking. Hiermee vervaagt de exclusiviteit van wapens en machtsmiddelen. Zeker in combinatie met de vraag wanneer überhaupt sprake is van een digitaal ‘wapen’, belet dit vraagstuk een eenduidige uitleg van het huidige molestbegrip in een digitale context.