Omzetting van rechtspersonen
Einde inhoudsopgave
Omzetting van rechtspersonen (FM nr. 129) 2008/2.2.3:2.2.3 Publiekrechtelijke rechtspersonen
Omzetting van rechtspersonen (FM nr. 129) 2008/2.2.3
2.2.3 Publiekrechtelijke rechtspersonen
Documentgegevens:
Dr. J.L. van de Streek, datum 01-09-2008
- Datum
01-09-2008
- Auteur
Dr. J.L. van de Streek
- JCDI
JCDI:ADS494028:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vennootschapsbelasting (V)
Vennootschapsbelasting / Omzettingsregeling
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie S.A. Stevens, De belaste overheid (FM nr. 109), Deventer: Kluwer 2003.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De publiekrechtelijke rechtspersonen, zoals de Staat, de provincies, de gemeenten, de waterschappen en alle lichamen waaraan krachtens de Grondwet verordenende bevoegdheid is toegekend (zoals de Kamers van Koophandel en Fabrieken, de uitvoeringsinstellingen sociale zekerheid en de openbare universiteiten), zijn eveneens wettelijk uitgesloten van de omzettingsregeling. Hoewel een publiekrechtelijke rechtspersoon civielrechtelijke rechtspersoonlijkheid heeft, bepaalt art. 2:1 lid 3 BW dat de algemene bepalingen van Boek 2 BW, waaronder de omzettingsregeling, niet voor de publiekrechtelijke rechtspersonen gelden. Het is onduidelijk of dat ook geldt voor rechtspersonen die een rechtsvorm van art. 2:3 BW hebben aangenomen en aan wie tevens een overheidstaak is opgedragen. In fiscalibus gaat het dan veelal om zogenoemde indirecte overheidsbedrijven.1 De algemene opvatting is dat op deze rechtspersonen de bepalingen van Boek 2 BW van toepassing zijn tenzij de rechtspersoon, ondanks de civielrechtelijke kwalificatie, naar structuur en inrichting door publiekrechtelijke voorschriften wordt beheerst.2 Indien de publiekrechtelijke voorschriften zich er echter niet tegen verzetten, lijken dergelijke privaatrechtelijke rechtspersonen derhalve ook de privaatrechtelijke omzettingsbevoegdheid te hebben.