De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/4.2.1.11:4.2.1.11 Samenvatting
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/4.2.1.11
4.2.1.11 Samenvatting
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649805:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor inwerkingtreding van het WvK 1928 was een (tijdige verspreide) agenda geen vereiste voor rechtsgeldige besluitvorming van de algemene vergadering. Art. 43g WvK 1928 bracht hierin verandering. Aangezien degene die bijeenroept de agenda bepaalt, welke agenda vervolgens door middel van de oproeping wordt verspreid, werd in het WvK 1928 in de wet als uitgangspunt vastgelegd dat de ava slechts op initiatief van het bestuur en de rvc rechtsgeldig besluiten kan nemen. De voorheen almachtige algemene vergadering is hierdoor sterk aan banden gelegd. Aandeelhouders kunnen in sommige gevallen op grond van de wet verzoeken om de bijeenroeping van een algemene vergadering en zo invloed uitoefenen op de agenda. Een los agenderingsrecht kent het WvK 1928 niet. Statuten uit die tijd bepalen doorgaans wel dat aandeelhouders die al dan niet een bepaald minimumgedeelte van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen onderwerpen op de agenda kunnen doen zetten. In 1971 werd het convocatierecht ook toegekend aan houders van met medewerking van de vennootschap uitgegeven certificaten. De invoering van het Burgerlijk Wetboek veranderde inhoudelijk niets aan het convocatierecht van kapitaalverschaffers.