De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.2.7:6.2.7 Rol van de leraar
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.2.7
6.2.7 Rol van de leraar
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949580:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Van oudsher bepaalde het bevoegd gezag van de school voor voortgezet onderwijs welke leerling toegelaten werd tot deze school. Sinds de invoering van de eindtoets is echter het oordeel van de directeur van de basisschool doorslaggevend. De toelating van de leerling tot de school voor voortgezet onderwijs dient immers gebaseerd te worden op het schooladvies. De directeur is niet geheel vrij in het vaststellen van het schooladvies. Dit advies maakt onderdeel uit van het onderwijskundig rapport, en over de vaststelling hiervan dient de directeur te overleggen met het onderwijzend personeel.1 Overleg hierover zal in de praktijk noodzakelijk zijn. Het onderwijskundig rapport bevat namelijk, naast het schooladvies, onder andere gegevens over de leerling met betrekking tot zijn onderwijshistorie, leerresultaten, gedrag en sociaal-emotionele ontwikkeling.2 Onder leerresultaten wordt onder andere verstaan de uitkomst van toetsen die gericht zijn op het vervolgen van het onderwijs.3 Bij het geven van het schooladvies zal het oordeel van de leraar vaak bepalend zijn. Hierbij wordt immers niet alleen gekeken naar de leerresultaten van de leerling, maar ook naar de motivatie van de leerling om te leren, de ondersteuning vanuit thuis, de sociale en emotionele ontwikkeling en de aanleg en interesses van de leerling. De leraar heeft bij uitstek de benodigde kennis over en inzicht in de leerling om hier een oordeel over te geven. Uiteindelijk ligt de bevoegdheid om het schooladvies en het onderwijskundig rapport vast te stellen uiteindelijk bij de directeur van de school.
Bij het geven van het schooladvies heeft de directeur, en indirect de leraar, een grote mate van beoordelingsruimte. Wet- en regelgeving bieden inhoudelijk geen kader aan de hand waarvan het schooladvies ingevuld moet worden. De leraar kan dit in beginsel dan ook zelf bepalen met inachtneming van hetgeen hierover is vastgelegd in de schoolgids. Het schooladvies is daarnaast gebaseerd op de subjectieve ervaringen van de leraar met de leerling. Bij het vaststellen van het schooladvies moet immers niet enkel naar de leerresultaten gekeken worden, maakt ook naar bijvoorbeeld de sociale en emotionele ontwikkeling van de leerling. Wel moeten de resultaten uit het leerlingenvolgsysteem bij het schooladvies worden betrokken. Hoe dit gebeurt, is evenwel aan de leraar. In § 5.11.2 is beschreven dat de rechtsbescherming van de leerling ten aanzien van het schooladvies door de beoordelingsvrijheid van de leraar zeer beperkt is.
Het schooladvies kan bijgesteld worden als de doorstroomtoets hoger uitvalt dan het schooladvies. De doorstroomtoets wordt afgenomen door het bevoegd gezag.4 Het bevoegd gezag mag echter niet zelf een doorstroomtoets samenstellen, maar dient een toets af te nemen bij een toetsaanbieder. Die toets wordt vervolgens afgenomen door de directeur van de betreffende school, onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag, en beoordeeld door de toetsaanbieder. In het leerlingrapport licht de toetsaanbieder onder andere het resultaat van de toets toe en geeft hij een advies omtrent het vervolgonderwijs.5 Vanuit de school kan dan ook niet getreden worden in de inhoud en beoordeling van de doorstroomtoets. De autonomie van het bevoegd gezag bij het afnemen van de doorstroomtoets is beperkt tot het kiezen van een bepaalde toets. De leraar speelt hierin formeel geen rol. De directeur heeft wel autonomie bij het bepalen of de resultaten van de eindtoets moeten leiden tot het naar boven bijstellen van het schooladvies. Net als bij het vaststellen van het schooladvies zal de directeur hierover in principe moeten overleggen met de leraar, omdat hij de leerling het beste kent.