De autonomie van de leraar
Einde inhoudsopgave
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.2.2:6.2.2 Inleiding: toelating tot het voortgezet onderwijs onder het geldend recht
De autonomie van de leraar (SteR nr. 64) 2024/6.2.2
6.2.2 Inleiding: toelating tot het voortgezet onderwijs onder het geldend recht
Documentgegevens:
J.S. Buiting, datum 07-02-2024
- Datum
07-02-2024
- Auteur
J.S. Buiting
- JCDI
JCDI:ADS949467:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Artikel 8.6, tweede lid, van de Wvo 2020.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tussen 1963 en 2014 is de wijze waarop de toelaatbaarheid van de leerling tot het voortgezet onderwijs wordt bepaald nauwelijks gewijzigd. Tot 2014 bepaalde het bevoegd gezag van de school voor voortgezet onderwijs of de leerling toelaatbaar was tot de school voor voortgezet onderwijs. Het bevoegd gezag onderzocht hiertoe de geschiktheid van elke leerling aan de hand van een toelatingsexamen, schoolvorderingentoets, proefklas of psychotechnisch onderzoek. In 2014 kwam hier verandering in. Sindsdien dient het bevoegd gezag van de school voor voortgezet onderwijs de toelaatbaarheid van de leerling voor een bepaalde vorm van voortgezet onderwijs te baseren op het schooladvies dat is vastgesteld door de directeur van de basisschool van de leerling.1 Daarnaast dient het bevoegd gezag van de basisschool bij elk leerling een eindtoets af te nemen.2 Aan de hand van de resultaten van de eindtoets kan het bevoegd gezag van de basisschool het eerder genomen schooladvies heroverwegen.
De eindtoets is in 2014 ingevoerd samen met een leerling- en onderwijsvolgsysteem. Met het leerling- en onderwijsvolgsysteem worden de prestaties van leerlingen systematisch bijgehouden aan de hand van toetsen. De eindtoets wordt sinds 2023 doorstroomtoets genoemd. Zowel de doorstroomtoets als de toetsen uit het leerling- en onderwijsvolgsysteem zijn in elk geval gericht op het toetsen van het niveau van de Nederlandse taal en rekenen en wiskunde van de leerling.3 Het inzicht dat de school door deze toetsen verkrijgt, kan gebruikt worden om het onderwijs te verbeteren. Daarnaast worden de prestaties van een leerling voor zijn ouders inzichtelijk gemaakt.