Voor risico van de ondernemer
Einde inhoudsopgave
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/9.4.2:9.4.2 Relativering van het daderschapscriterium en een lagere aansprakelijkheidsdrempel
Voor risico van de ondernemer (O&R nr. 142) 2023/9.4.2
9.4.2 Relativering van het daderschapscriterium en een lagere aansprakelijkheidsdrempel
Documentgegevens:
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden, datum 01-06-2023
- Datum
01-06-2023
- Auteur
mr. T.E. de Wijkerslooth-van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS713158:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Verbintenissenrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De tweede deelvraag is wat het effect is van het meewegen van de hoedanigheid van ondernemer bij de interpretatie van ‘daad’, ‘daderschap’, ‘onrechtmatigheid’ en ‘toerekenbaarheid’. Het effect is tweeledig. Ten eerste is de aansprakelijkheid van ondernemers minder gebaseerd op (fysieke) gedragingen. Dit komt het meest tot uiting in de kwalitatieve aansprakelijkheden die worden gekanaliseerd naar de ondernemer. Voor de vestiging van een kwalitatieve aansprakelijkheid is namelijk geen daad of daderschap vereist. Voorts is dit te zien in art. 6:162 BW, waar de daads- en daderschapscriteria tot op zekere hoogte worden gerelativeerd.
Ten tweede kan de hoedanigheid van ondernemer leiden tot een lagere aansprakelijkheidsdrempel. Dit is uiteraard niet altijd het geval, aangezien de toepassing van het onrechtmatigheids- en toerekenbaarheidsvereiste een afweging vergt van alle omstandigheden van het geval, waarvan de hoedanigheid van ondernemer er een is. De verlaging van de aansprakelijkheidsdrempel volgt uit verschillende conclusies: van een ondernemer-laedens mag onder omstandigheden een hoger kennisniveau worden verwacht; soms is vanwege de hoedanigheid van ondernemer sprake van een gevaarsverhoging; van een ondernemer-laedens wordt in bepaalde gevallen meer zorg verwacht; de hoedanigheid van ondernemer is onder omstandigheden reden voor een verscherpt schuldbegrip en, tot slot, de hoedanigheid van ondernemer vormt een reden voor een snellere toerekening krachtens verkeersopvattingen.