De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland
Einde inhoudsopgave
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/3.3.4:3.3.4 Gedwongen arbeid
De strafbaarstelling van arbeidsuitbuiting in Nederland (SteR nr. 39) 2018/3.3.4
3.3.4 Gedwongen arbeid
Documentgegevens:
mr. drs. S.M.A. Lestrade, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. drs. S.M.A. Lestrade
- JCDI
JCDI:ADS392100:1
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Economisch strafrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
In hoofdstuk 5 zal blijken dat dit genuanceerder ligt. Het EHRM merkt onder omstandigheden ook ongedwongen dienstverbanden als ‘gedwongen arbeid’ aan.
Zie hoofdstuk 5.
Rb Zeeland-West-Brabant 23 juli 2015, ECLI:NL:RBZWB:2015:4870 (Gedwongen afsluiten telefoonabonnementen).
Hof Arnhem-Leeuwarden 4 december 2014 ECLI:NL:2014:9415, Rb Gelderland 12 juni 2013, ECLI:NL:RBGEL:2013:CA3166 (Zwendel met telefoonabonnementen). Zie hierna in deze paragraaf.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Tot slot definieert het ILO Verdrag inzake gedwongen arbeid uit 1930 dwangarbeid als elke arbeid of dienst die van een individu wordt vereist onder dreiging van een straf en waarvoor het individu zich niet uit vrije wil beschikbaar heeft gesteld. Zoals de naam al zegt, is dwang hier in het spel.1 Dwang kan direct of indirect worden uitgeoefend door het inzetten van fysieke kracht of door het dreigen met fysieke of psychische schade. Gedwongen arbeid kan volgens de wetgever ook (gedwongen, SL) bedelarij betreffen. De wetgever heeft dit element opgenomen vanwege de implementatie van de EU Richtlijn mensenhandel, die bedelarij eveneens expliciet benoemt.2
Een voorbeeld waarin gedwongen arbeid aan de hand is, betreft de zaak-‘gedwongen afsluiten telefoonabonnementen’.3 De verdachte maakte hier excessief gebruik van dwang en bedreiging opdat de slachtoffers voor hem telefoonabonnementen zouden gaan afsluiten. De rechtbank merkt uitdrukkelijk op dat de mate van dwang afwijkt van die beschreven in het arrest van het Hof Arnhem-Leeuwarden van 4 december 2014, eveneens een zaak die betrekking heeft op het laten afsluiten van telefoonabonnementen en waarin het hof vrijspreekt van mensenhandel.4 Weliswaar acht de rechtbank ‘dwang’ bewezen, maar het spreekt niet specifiek van ‘gedwongen arbeid’. Het toont aan dat in de rechtspraak wel degelijk voorbeelden zijn te vinden van de verschillende uitbuitingsvormen (hier gedwongen arbeid), maar dat rechterlijke instanties deze niet in het bijzonder classificeren.