Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht
Einde inhoudsopgave
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/6.6.3.2:6.6.3.2 De voor omkering van de bewijslast benodigde schuld en een naar objectieve maatstaven pleitbaar standpunt
Pleitbaar standpunt in het fiscale boete- en strafrecht (FM nr. 148) 2016/6.6.3.2
6.6.3.2 De voor omkering van de bewijslast benodigde schuld en een naar objectieve maatstaven pleitbaar standpunt
Documentgegevens:
dr. mr. M.M. Kors, datum 21-11-2016
- Datum
21-11-2016
- Auteur
dr. mr. M.M. Kors
- JCDI
JCDI:ADS572336:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De invulling van de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld is in veel opzichten vergelijkbaar met de invulling van het grove schuld- en opzetbegrip.1
Hiervoor, in de paragrafen 6.3.1.1, 6.3.1.2, 6.3.2.1, 6.3.2.2 en 6.6.1, zijn situaties beschreven waarin zowel een naar objectieve maatstaven pleitbaar standpunt in de aangifte is verwerkt als waarin ook aan de vereisten voor opzet of grove schuld is voldaan. In al deze situaties zou, als het naar objectieve maatstaven pleitbare standpunt geen rol zou vervullen, de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld aanwezig zijn. De belastingkamer van de Hoge Raad heeft echter geoordeeld dat het naar objectieve maatstaven pleitbare standpunt wel een rol vervult en zelfs zonder meer tot het ontbreken van de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld leidt.2
Dit oordeel is niet geheel in overeenstemming met het in dit hoofdstuk gehanteerde derde uitgangspunt. Als gevolg daarvan sluit de huidige jurisprudentie ook niet geheel aan bij de voorgestelde eenduidige juridische behandeling. Op grond van dit derde uitgangspunt zou immers in twee situaties, de situaties beschreven in de paragrafen 6.3.1.1 en 6.3.1.2 waarin de belastingplichtige een onjuiste aangifte heeft gewild, zonder een pleitbaar standpunt op het oog te hebben gehad of zonder te hebben verondersteld dat zijn standpunt pleitbaar was, de omstandigheid dat een naar objectieve maatstaven pleitbaar standpunt in de aangifte is verwerkt niet tot het ontbreken van de voor omkering benodigde schuld moeten leiden en daarmee de omkering van de bewijslast niet in de weg moeten staan. In de andere situaties, de situaties beschreven in de paragrafen 6.3.2.1, 6.3.2.2 en 6.6.1, zou het naar objectieve maatstaven pleitbare standpunt wel tot gevolg moeten hebben dat de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld ontbreekt.
Door het derde uitgangspunt ook bij de vaststelling van de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld te hanteren, kan de aansluiting bij beide voorgestelde eenduidige juridische behandelingen alsnog worden bereikt. De invloed van het naar objectieve maatstaven pleitbare standpunt kan vervolgens uitsluitend juridisch worden vormgegeven door in de situaties beschreven in de paragrafen 6.3.2.1, 6.3.2.2 en 6.6.1 alsnog te concluderen dat de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld ontbreekt. De strafuitsluitingsgronden zijn immers niet bij de voor omkering van de bewijslast benodigde schuld van toepassing.3