Einde inhoudsopgave
Verbod en evenredigheid in het intellectuele-eigendomsrecht (O&R nr. 150) 2024/2.4.5.2
2.4.5.2 Informatie omtrent de inbreuk
mr. P. Teunissen, datum 01-02-2024
- Datum
01-02-2024
- Auteur
mr. P. Teunissen
- JCDI
JCDI:ADS955582:1
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Deze mogelijkheid bestond in ons recht al vóór inwerkingtreding van de Handhavingsrichtlijn; zie HR 27 november 1987, ECLI:NL:HR:1987:AD0091, NJ 1988/722, m.nt. L. Wichers-Hoeth, BIE 1988/25 (Chloé/Peeters).
Van Nispen, BIE 2022, afl. 1, p. 8; HR 23 februari 1990, ECLI:NL:HR:1990:AD1044, NJ 1990/664, m.nt. D.W.F. Verkade (SKF/Hameco).
Art. 8 lid 2 (‘naar gelang passend’) en ov. 24 Handhavingsrichtlijn.
HR 12 april 2013, ECLI:NL:HR:2015:3394, NJ 2013/503, m.nt. P.B. Hugenholtz, AMI 2013/8, m.nt. K.J. Koelman (Hauck/Stokke).
Rb. Breda (pres.) 29 april 1992, ECLI:NL:RBBRE:1992:AM2071, BIE 1994/118 (Bootlegs Interdisc).
Eijsvogels 2016, p. 245.
De rechter kan op vordering van de rechthebbende de inbreukmaker bevelen om informatie over de herkomst en de distributiekanalen van inbreukmakende goederen of diensten te verstrekken.1 Het kan onder meer gaan om een bevel tot het verstrekken van informatie omtrent de voorman2 of het verschaffen van een lijst van afnemers.3 Toewijzing van beide vorderingen is afhankelijk van een afweging van wederzijdse belangen en de verdere omstandigheden van het geval.4 Daartoe behoren onder meer de aard en ernst van de inbreuk en de concurrentiebelangen van de inbreukmaker.5 Daarnaast dient rekening te worden gehouden met de privacybelangen van klanten.6 De rechter kan aan deze belangen tegemoetkomen door te bepalen dat de gevorderde informatie wordt verstrekt aan een overeengekomen derde partij.7