Eigendomsgrondrecht en belastingen
Einde inhoudsopgave
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/13.4.1:13.4.1 Inleiding
Eigendomsgrondrecht en belastingen (FM nr. 161) 2020/13.4.1
13.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
dr. T.C. Gerverdinck, datum 13-03-2020
- Datum
13-03-2020
- Auteur
dr. T.C. Gerverdinck
- JCDI
JCDI:ADS197302:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Mensenrechten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het hiernavolgende zal ik analyseren op welke wijze de Nederlandse belastingrechter zijn taak invult in gevallen waarin belastingplichtigen een beroep doen op artikel 1 Eerste Protocol.1 Daarbij zal ik ingaan op de vraag of de Nederlandse rechter inderdaad (minstens) eenzelfde bescherming biedt als het EHRM, of dat er toch (voor de burger nadelige) verschillen bestaan tussen de Hoge Raad en het EHRM waar het de uitleg van artikel 1 Eerste Protocol betreft. Hierbij volg ik het toetsingsschema van het EHRM: ik ga achtereenvolgens in op de toegangsvraag (par. 13.4.2), de beoordeling van de lawfulness (par. 13.4.3) en de beoordeling van de fair balance (par. 13.4.4). In deze laatstgenoemde paragraaf komt ook de rechtspraak van de Hoge Raad over een Nederlandse excessieve belastingheffing aan de orde: de vermogensrendementsheffing van box 3.2 De eis van een legitimate aim laat ik buiten beschouwing, omdat die in de Nederlandse belastingrechtspraak over het eigendomsgrondrecht nauwelijks een rol speelt.