Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/10.3.7
10.3.7 Interne rechtsvergelijking (meldingsplicht)
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS363930:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Rebers 2007, p. 364; Eumedion 2006 – Reactie implementatie 13e richtlijn, p. 6; Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht 2006 – Advies dertiende richtlijn, p. 4; Josephus Jitta 2006-1, p. 62 en De Vlaam 2006, p. 605. Vgl. ook Nieuwe Weme 2006, p. 12, die overigens wijst op de bezwaren die hieraan zijn verbonden.
Rebers 2007, p. 364 en Rebers/Maatman 2008, p. 387.
Zie hierover ESME 2008 – Preliminary views acting in concert, p. 4. ESME wijst er op dat niet zozeer de verschillende toepassingsvoorwaarden problematisch zijn als wel het feit dat de Overnamerichtlijn slechts minimumharmoniserend werkt en derhalve de regelingen uit de verschillende lidstaten van elkaar verschillen.
Zie hierover uitgebreid § 16.2.2.
Idem Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht 2006 – Advies dertiende richtlijn, p. 3-4.
Idem Josephus Jitta 2006-1, p. 62.
Van verschillende kanten is betoogd dat het duurzaamheidscriterium van de meldingsregeling moet worden overgenomen bij het verplicht bod.1 Ik zou daar geen voorstander van zijn. In de eerste plaats is er geen sprake van soortgelijke verplichtingen (zie eerder uitgebreid § 1.6). Bovendien is de strekking van het duurzaamheidscriterium bij de meldingsplicht met te veel vraagtekens omgeven en noopt geen van de mogelijke rechtvaardigingen bij de meldingsplicht tot invoering bij het verplicht bod (idem). Dat in de praktijk problemen ontstaan als gevolg van uiteenlopende toepassingscriteria voor de meldingsplicht en het verplicht bod2 is niet gebleken.3 Ten slotte vormt ook de afdwingbaarheid van het verplicht bod geen argument. Nu het toezicht op de naleving van de biedplicht bij de aandeelhouders zelf is neergelegd4, ligt het inderdaad voor de hand om de meldingsplicht hierbij een ondersteunende rol te laten spelen. Tegen die achtergrond is het ongewenst dat de toepassingsvoorwaarden van beide verplichtingen uiteen lopen.5 Maar, dit vormt eerder een argument om de meldingsplicht aan te passen.6 Zie over de ondersteunende rol van de meldingsplicht eerder § 1.6.1 en § 6.4.4.