Einde inhoudsopgave
Beleidsbepaling en aansprakelijkheid (VDHI nr. 170) 2021/2.2
2.2 Behoefte aan een organisatie
mr. J.E. van Nuland, datum 21-09-2020
- Datum
21-09-2020
- Auteur
mr. J.E. van Nuland
- JCDI
JCDI:ADS254486:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Asser/Maeijer & Kroeze 2-I* 2015/34; Handboek 2013, nr. 52; vgl. Van Schilfgaarde 2017, p. 17, die stelt dat de rechtspersoonlijkheid van de vennootschap een realiteit is ‘in het recht’.
Handboek 1992, nr. 52, vgl. Handboek 2013, nr. 52.
Zie in deze zin Löwensteyn 1959, p. 26.
Handboek 2013, nr. 52.
Vgl. Asser/Maeijer & Kroeze 2-I* 2015/186; Handboek Notarieel Ondernemingsrecht 2016, p. 20-21.
Zie Van Schilfgaarde 2017, p. 18; zie daarover ook Maeijer 2000, p. 281.
Asser/Maeijer & Kroeze 2-1* 2015/171; Van Schilfgaarde 2017, p. 18.
Zie Slagter/Assink 2013, p. 167; Asser/Maeijer & Kroeze 2-I* 2015/186.
Besloten vennootschappen waarop het structuurregime van toepassing is, art. 2:262 e.v. BW, zijn krachtens art. 2:268 lid 1 BW verplicht om een raad van commissarissen in te stellen.
Ook andere organen kunnen worden onderscheiden, zie artikel 2:189a en 2:268 BW; Asser/Maeijer & Kroeze 2-I* 2015/186.
In overwegend gelijke zin Handboek 1992, p. 335-336, Van Schilfgaarde 2017, p. 24, Asser/Maeijer & Kroeze 2-I* 2015/186.
De rechtspersoon bestaat slechts in en door het recht.1 Van der Grinten schetst dit bestaan door te stellen dat aan de rechtspersoon in de orde van het recht, persoonlijkheid wordt toegekend.2 Kroeze beschrijft de rechtspersoon in gelijke zin als ‘een juridische constructie die ten dienste staat van het maatschappelijk en economisch verkeer’.3 Vanuit dit perspectief moet worden vastgesteld dat de rechtspersoon slechts een realiteit is die dóór de wet bestaat en zelf geen fysieke noch geestelijke basis heeft, waardoor hij aan het rechtsverkeer van de natuurlijke personen kan deelnemen. Juist die natuurlijke personen hebben het recht als zodanig gecreëerd en accepteren gezamenlijk dat voor de realiteit van dat recht ook een rechtspersoon kan bestaan. Zonder natuurlijk personen die (uiteindelijk) voor de rechtspersoon beslissen en namens hem handelen, is de rechtspersoon enkel een loze entiteit, die weliswaar voor het recht bestaat, maar – doordat hij daarin niet kan bewegen – geen bestaansrecht heeft. Om die reden heeft de rechtspersoon behoefte aan een organisatie, die (uiteindelijk) wordt gevormd door natuurlijke personen, welke voor en namens de rechtspersoon handelen4 en tegelijkertijd zorg dragen voor haar geestelijk bestaan. Vertegenwoordiging van de rechtspersoon is in dat kader noodzakelijk.5 Door vertegenwoordiging wordt de rechtspersoon feitelijk in staat gesteld om (contractuele) verbintenissen aan te gaan en te onderhouden. De fysieke basis van de rechtspersoon wordt (uiteindelijk) door niets anders gevormd dan door een of meer natuurlijk personen, die een rol vervullen binnen de door de wet voorgeschreven orgaanstructuur. Elk afzonderlijk orgaan heeft een eigen functie binnen de organisatie en heeft in dat verband door de wet en/of statuten toegekende taken en bevoegdheden, waardoor de rechtspersoon zowel intern als extern en zowel geestelijk als fysiek kan functioneren. Het handelen van natuurlijke personen wordt daartoe aan de rechtspersoon toegerekend.6
De organisatie van de vennootschap krijgt gestalte door de wet en haar statuten. Van Schilfgaarde hanteert in dit verband het begrip deelrechtsorde, waarmee hij bedoelt aan te geven dat de vennootschap een zelfstandig juridisch systeem is, dat tevens deel uitmaakt van een meeromvattend systeem. Tussen dit meeromvattend systeem en de deelrechtsorde bestaat een wisselwerking; er is sprake van wederzijdse beïnvloeding.7 Naast de wet en de statuten wordt deze deelrechtsorde beheerst door de gewoonte, reglementen en besluiten.8 De organisatieregels kennen aan de organen taken en bevoegdheden toe, bepalen de wijze van besluitvorming, alsmede de rechten en plichten tussen de organen.9 Een derde te onderscheiden orgaan dat, al dan niet verplicht,10 deel kan uitmaken van de vennootschappelijke organisatie is de raad van commissarissen.11 Als orgaan binnen de organisatie kan verder worden aangeduid de instantie aan wie door de wet en/of statuten beslissingsbevoegdheid is toegekend in en over aangelegenheden in de vennootschap, welke beslissingen aan de vennootschap worden toegerekend en dientengevolge als de hare hebben te gelden.12