Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen
Einde inhoudsopgave
Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen (O&R nr. 80) 2014/5.7.8:5.7.8 Korte beantwoording van de derde onderzoeksvraag
Ongerechtvaardigde verrijking en onverschuldigde betaling als bronnen van verbintenissen (O&R nr. 80) 2014/5.7.8
5.7.8 Korte beantwoording van de derde onderzoeksvraag
Documentgegevens:
mr. S.R. Damminga, datum 07-11-2013
- Datum
07-11-2013
- Auteur
mr. S.R. Damminga
- JCDI
JCDI:ADS497568:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overige verbintenissen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Aan de hand van de bovenstaande bevindingen kan ten slotte de derde onderzoeksvraag worden beantwoord. Deze vraag luidt, kort gezegd: Welke invulling moet worden gegeven aan de vereisten van artikel 6:203? Anders gezegd: wat is een betaling, wie verricht haar, wie ontvangt haar en wanneer is zij zonder rechtsgrond?
Een betaling is een handeling die naar haar objectieve strekking moet worden opgevat als een prestatie. Het verrichten en het ontvangen van een prestatie zijn handelingen die feitelijk worden verricht. Zij kunnen worden toegerekend aan derden. Een handeling kan daarom leiden tot meerdere betalingen in de zin van artikel 6:203, die derhalve door meerdere partijen kunnen worden verricht en ontvangen. Voor elk van deze betalingen moet worden onderzocht of een rechtsgrond ontbreekt. Een rechtsgrond ontbreekt als een rechtvaardiging ontbreekt voor zowel het verrichten als het ontvangen van de betaling.
De ontvanger van een prestatie, waarvoor een rechtsgrond ontbreekt, kan twee verweren voeren ongeacht de aard van de prestatie. Het eerste verweer betreft de vermindering van de verrijking die het gevolg is van de prestatie. Vereist voor een geslaagd beroep op het verweer is dat de ontvanger te goeder trouw zijn vermogen heeft laten verminderen als gevolg van de ontvangst van de prestatie. Het tweede verweer betreft de subjectieve waardering van de prestatie. De ontvanger is slechts verplicht tot terugbetaling voor zover de prestatie voor hem waarde heeft. De ontvanger kan geen beroep doen op dit verweer als hij te kwader trouw is.